Gedurende het afgelopen decennium is een nieuw journalistiek genre ontstaan: de gamejournalistiek. Steeds meer media schrijven over games. Maar hoe kijken de verantwoordelijke journalisten aan tegen elkaar en de wereld om hen heen? In deze maandelijkse rubriek komen ze aan het woord, in vijf vragen. In de eerste aflevering sprak ik Rolf Venema van De Telegraaf. In deze tweede editie komt JJ Belderok aan het woord. Hij schrijft over games voor Power Unlimited en is daarnaast te zien bij Gamekings op TMF.
Hein: Hoe bevalt het om gamejournalist te zijn? Het lijkt mij een droombaan. Is dat zo?
JJ: “Ja, dat is het voor mij zeker, ten eerste omdat ik van mijn hobby mijn werk heb kunnen maken en ten tweede omdat het mij de vrijheid biedt die ik graag heb. Ik ben niet iemand die van 9 tot 5 op een kantoor zit. Maar het is niet allemaal zonneschijn. Jij speelt games die je leuk vindt, ik niet altijd. Slechte of middelmatige games testen hoort er ook bij. En ook die moet je een flink aantal uren doorspelen. Ook zie jij van de vele trips vooral de leuke kanten, maar vijftig procent bestaat uit wachten, wachten en nog eens wachten. Maar goed, dat heb ik er graag voor over.”
Is de gamespers kritisch en onafhankelijk genoeg?
“Tja, dat is een lastige vraag. Ik kan dat alleen beoordelen voor mezelf. Ik ben niet omkoopbaar, maar kijk wel anders dan andere journo’s tegen dit probleem aan. Mijn ambitie is namelijk niet games reviewen, maar gaming aanprijzen. Gamers lekker maken, gewoon zorgen dat er veel gebeurt hier op gamesgebied. En dus review ik ook anders dan anderen. Hoezeer men ook wil en roept; gamen heeft alles met smaak te maken. Tuurlijk kun je objectief zien of iets technisch goed is of niet. Maar dan is er nog zoveel ruimte over. De Edge geeft Mario Kart op de Wii een 8 6, terwijl het voor mij de enige game is die ik echt kapot heb gespeeld. En soms zit een game technisch superieur in elkaar en loven ze het, maar vind ik het neppe shit.”
Veel gamemagazines beperken zich tot reviews en previews. Vind je dit een gemiste kans of begrijp je het wel? Wat voor rubrieken zou jij zo nog kunnen bedenken?
“Men mist vooral veel creativiteit. Ook bij sites of tv-programma’s, dan maken ze een voice-over met beelden, of een integraal verslag van een pr-praatje. Waarom zou een gamer daar naar kijken of luisteren? ‘Who gives a fuck?’
95% van de gamers wil gewoon bevestigd worden in hun gevoel dat iets heel erg vet is, of juist heel erg kut. Mensen worden blij als ik weken FIFA ophemel of haten me omdat ik PES niks vind. Die passie zit ook bij jou en je vrienden. Zo praat je ook in de kroeg. En dat gevoel, dat wil ik overbrengen. Ik ben niet zo van de rubrieken, dat beknelt enorm je vrijheid en is echt ‘old-school’-journalistiek. Pak een game, zie wat het doet, wat de vibe is, en doe er iets mee. Groot probleem is ook dat de publishers en developers voor de release van hun game alleen maar strak geregisseerde pr-blaat uitslaan. En al die media schrijven het nog op ook. Dat de game vet wordt, vernieuwend, etc. Saaie non-info. Ik heb dan liever dat iemand van PU of Gamekings er iets persoonlijks over zegt.
De crux zit hem in karakters. We hebben bij PU en Gamekings bewust voor karakters gekozen. We hebben dat stap voor stap opgebouwd. Iedereen kent ons nu en, veel belangrijker, kent onze voorkeuren, onze nukken, onze passie en dus kun je voor jezelf bepalen of je een Boris bent of een Steven. Weer die herkenbaarheid. Want als mannetje X, waar je niks over weet, zegt dat game X goed is, wat zegt dat dan? Je weet toch niet of je dezelfde smaak hebt…”
Hoe diep wil je gaan?
“Als er een game is die ik heel vet vind, of wanneer ik zeker weet dat ik hem vet ga vinden, waarom zou ik dan met mijn positie daar niet heel happy over schrijven? Dat is toch wat men van mij verwacht. Of moet ik alles afstandelijk als wetenschapper gaan ontleden? Ik ben gewoon een gamer als een ieder, alleen schrijf ik erover en lezen veel mensen mijn verhaaltjes. De beste reviews vind ik reviews die net zo in de kroeg uitgesproken hadden kunnen worden. Weer dat ‘vond je het vet of niet?’.”
Hoe zie jij de toekomst van de gamejournalistiek in Nederland?
“Er is geen echte gamejournalistiek omdat er ten eerste te weinig mensen fulltime in werkzaam zijn (ik gok zo’n twintig) en ten tweede: wat is journalistiek? Onderzoeksjournalistiek is hier niet. Daar is geen geld en genoeg kunde voor en er zijn veel jonkies. Bovendien is er vooral een grote afstand tot waar het nieuws vandaan komt (de VS en Japan). Dus kalkt men alles over.
Ik zie daarom vooral toekomst in wat wij doen met Blammo. Entertainment maken rondom games, een grote doelgroep aanspreken en dan langzaam ook meer diepgang toevoegen. Zie onze Gamelab-projecten, die echt hardcore zijn, of onze items over de toekomst van gaming.”
