![]()
Stefan Popa op zondag.
Beeld: Paul Veer.
Exact tien jaar geleden reed ik met mijn ouders en zusje naar het zuiden van Europa. Via Duitsland, omdat daar vrienden van de familie wonen. Als puber zat ik daar niet op te wachten. Ik wilde de zon zien en pizza’s eten. Dus speelde ik mokkend op mijn doorzichtige Game Boy Advance, terwijl de Achterhoek overliep in het Noord-Rijnland-Westfalen. ‘Zijn we er bijna?’ Nee, we waren er nog lang niet en of ik wilde ophouden met mekkeren.
In je dromen ja. Dus ik wisselde Super Mario in voor een skateboardgame en liet mij door mijn vader chauffeuren naar een Duits stadje met steekvliegen. Twee dagen zouden we daar blijven! ‘Maar twee dagen’ volgens mijn ouders, maar ik vond er niets ‘maar’ aan. Totdat we daar eindelijk waren en we langs een gamewinkeltje liepen. Hij was nog maar net uit, maar daar stond ‘ie paars en vierkant trots te wezen: de Gamecube.
