
Liefhebbers van Mario beleven hoogtijdagen met het recent uitgebrachte Super Mario Galaxy 2. Het verschijnen van de Italiaanse loodgieter op de consoles is altijd een belevenis, en hoewel er soms afgeweken wordt van de traditionele platformformule staat de naam Mario vrijwel altijd garant voor kwaliteit. Hetzelfde kan niet gezegd worden over die andere bekende gamemascotte: Sonic the Hedgehog. Na jaren van verval lijkt de snelheidsduivel echter eindelijk terug te keren naar zijn oude glorieperiode; Sonic 4 belooft immers 2D-platformactie zoals we die kennen uit het 16-bit tijdperk.
2010, jaar van de remakes?
Nu is Sonic niet het enige personage dat dit jaar weer zijn opwachting maakt. Ook Donkey Kong zal binnenkort opnieuw door tonnen vliegen in het nieuwe Donkey Kong Country Returns dat werd aangekondigd voor de Nintendo Wii. Daarnaast keert ook NBA Jam terug na een winterslaap van zeven jaar. Maar Sonic is het boegbeeld van Sega, dat sinds de teloorgang van de Dreamcast nooit meer het creatieve niveau heeft bereikt waarvoor het eens stond.
Een korte geschiedenis
Sonic the Hedgehog onstond als antwoord op de immense populariteit die Mario genoot als Nintendo-vlaggenschip. Toen Alex Kidd de klus niet geklaard kreeg om Mario van zijn troon te stoten in het 8-bit tijdperk, besloot Sega bij de release van de Megadrive zijn pijlen te richten op een nieuwe, rauwere mascotte met meer attitude. Verscheidene ontwerpen deden de ronde, maar uiteindelijk won Mr. Needlemouse de selectie. Sonic werd in 1991 de tegenpool van Mario en had net die karakteristieken die Mario niet had. Zodoende ontstond de verpersoonlijking van de krachtige Megadrive, die ‘deed wat Nintendidn’t’.
Sonic Team leverde puik werk met het eerste deel in de serie. Hierna nam Sega Technical Institute de ontwikkeling van de reeks over. STI bestond uit leden van Sega of America, aangevuld met onder andere Yuji Naka en Hirokazu Yasahura: de oorspronkelijke krachten achter de blauwe egel. Het idee achter deze nieuwe collaboratie was dat de Amerikaanse werknemers voor een frisse wind zouden zorgen, die in combinatie met de reeds bestaande Japanse expertise de serie naar een hoger niveau zou tillen.
Sonic was een groot succes: Sega was er niet alleen in geslaagd een nieuw icoon te creëren maar evenzeer een spellenreeks die een nieuwe draai gaf aan het platformgenre. De creativiteit van een Mario-game heeft de serie nooit gekend, maar er waren wel genoeg vernieuwende elementen om zich te onderscheiden van anderen in het genre.
Sonic in twee delen
Twee spelelementen spelen een cruciale rol bij de Sonic-games. Vooraleerst is er de snelheid. De snelheid waarmee je door de verschillende levels raast, vormt weliswaar het hoofdbestanddeel van de Sonic-reeks maar is zeker niet de enige succesfactor. Sonic Team en vooral Sega’s Technical Institute creëerden op de Megadrive wijdse en gevarieerde omgevingen. Wie even de tijd neemt om stil te staan in die oude delen, merkt al gauw dat er meerdere routes zijn om het eindpunt te bereiken.
Die variatie ontbreekt in de 3D-vervolgen. Niet alleen de gebrekkige cameravoering, maar evenzeer het ontbreken van het gevoel in een groter geheel te spelen, maakte van elke 3D-uitvoering tot nu toe een miskleun.
Zonder die weidsheid is Sonic een volledig lineaire ervaring: een snelheidsrush, maar ook niets meer dan dat. De driedimensionale vervolgen proberen die leegte op te vullen met nevenactiviteiten: avontuurgedeelten in Sonic Adventure, de weerwolf in Sonic Unleashed… allemaal aspecten die niets bijdragen aan de traditionele Sonic-ervaring.
Sonic 4
In de beelden die momenteel op internet te vinden zijn, begeeft Sonic zich door de vertrouwde ‘Green Hill’-setting in een prachtige visuele, haast handgetekende stijl. Ook de hierboven genoemde troeven lijken aanwezig. Hoewel een twee minuten durend filmpje natuurlijk weinig houvast biedt, mag duidelijk zijn dat men met dit deel de sfeer van de 16-bit spellen wil terughalen.
Op grote vernieuwingen hoeft de speler evenwel niet te hopen, al maakt ook het combosysteem uit de Nintendo DS-versie hier zijn opwachting. Die versie is overigens net als de Game Boy Advance-delen te beschouwen als een ware opvolger van de 16-bit Sonic-reeks. Door die spellen te omschrijven als ‘tussenhaltes naar het vierde deel’ doet men ze tekort, maar het is hoe dan ook een hele tijd geleden dat de blauwe egel op een thuisconsole verscheen in zijn oorspronkelijke vorm.
Het Nieuwe Sega
Sega lijkt eindelijk de juiste strategie te hebben gevonden als het gaat om zijn ruime catalogus toptitels van weleer. Wat het bedrijf deed met After Burner lijkt het nu te doen met Sonic: de favoriet terugbrengen naar zijn essentie, zonder al te veel poespas.
Het is een slimme zet van Sega om dit te doen via de online distributiekanalen. Met deze werkwijze kan Sega de oude creativiteit aanwakkeren zonder al te veel geld te spenderen. Bovendien heeft online verkoop het voordeel dat het ook voor nieuwkomers betaalbaar blijft. Mogelijk leren ook jongere gamers zo genieten van Sega’s rijke geschiedenis.
En wanneer het tijdperk van een nieuw Sega eenmaal is aangebroken, kunnen we dromen van een nieuwe Jet Grind Radio, een nieuwe Segagaga, een nieuwe Nights… en misschien zelfs van een nieuwe Sega-console.
