
In september viel Peak Games op toen het 11,5 miljoen dollar ophaalde in een investeringsronde. Het bedrijf maakt kleine Facebook-spelletjes à la poker en Farmville – tot daar geen verrassing, social games zijn nog steeds erg hot bij geldschieters. Wel opvallend is dat Peak gevestigd is in Turkije, nou niet bepaald gameland nummer één.
Afgelopen weekend kon ik proeven van de Turkse gamescene, toen ik op uitnodiging van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU) meedeed aan de Cultures at Play Game Jam in Istanbul. Een spelontwikkelmarathon waarbij Nederlandse en Turkse studenten in interculturele, interdisciplinaire teams binnen 48 uur games moesten maken.
Ik heb eerder geparticipeerd in gamejams, een ontzettend leuke manier om grip te krijgen op wat games zijn en hoe ze worden gemaakt. Deelnemers worden gedwongen samen te werken en in te spelen op elkaars sterke punten, in hoop dat ze in korte tijd iets kunnen maken dat zowel vernieuwend als speelbaar is. Alle elementen die komen kijken bij game-ontwikkeling gaan in de snelkookpan, van spelregels en interactie-ontwerp tot graphics en audio, plus natuurlijk het programmeerwerk dat alle afzonderlijke bestanddelen samenbrengt. De resultaten zijn vaak prikkelend, en soms ook echt goed.
De samenwerking tussen de Hollanders en Turken verliep opvallend soepel. De Turkse deelnemers spraken prima Engels, werkten hard en kwamen goed mee. Als er ‘s nachts tijdens het jammen onduidelijkheid ontstond, was er altijd nog de universele taal van het programmeren: C# spreekt iedereen. Een gapende taalkloof liet zich altijd nog overbruggen met een regeltje voorbeeldcode.
Dit plaatst het nieuws over Peak Games in perspectief. Want ontwikkelaars in opkomende markten zoals Turkije hebben inmiddels hetzelfde referentiekader als wij. Zo spelen ze precies dezelfde games: of ze nou uit Ankara of Hilversum kwamen, de studenten bleven maar praten over het populaire rollenspel Skyrim. Nederlanders zijn misschien nog wat beter in concepten verzinnen, maar de Turken zijn goedkoper. Tegelijk is de webgeletterheid er hoger dan je denkt: er zitten 30 miljoen Turken op Facebook; na Engels, Spaans en Indonesisch is Turks er de vierde taal.
De opdracht van Cultures at Play, om een spel te maken met de plaatselijke sights and sounds als uitgangspunt, stipte nog iets anders aan: hoe jammer het is dat games doorgaans zo internationaal geörienteerd zijn. In Istanbul maakten we onder andere spellen over Midden-Oosterse kalligrafie en de handel in Turks fruit, maar een dergelijke culturele identiteit hebben games zelden. De Nederlandse shooter Killzone herinnert in (bijna) niets aan zijn roots. En hoewel sommige kleinere Turkse games putten uit nationale folklore, doet het internationaal succesvolle rollenspel Mount & Blade van het Turkse Taleworld niets met de lokale geschiedenis.
Die culturele homogeniteit is fijn voor bedrijven, het betekent dat ze makkelijker kunnen concurreren met Amerikaanse giganten. Maar het is minder goed voor de variëteit. Gelukkig stemt de grote hit van Peak Games hoopvol: Okey is een digitale versie van de Rummikub-variant die je altijd ziet in Turkse koffiehuizen.
Next Level staat wekelijks in nrc.next. Dit is een langere versie van de column uit de krant van gisteren. Lees ook mijn dagverslagen over de gamejam in Turkije: dag 1, dag 2, dag 3.
