Cultureel en kindvriendelijk gamen onder kermislicht



Het Tweetakt-festivalterrein. Foto door Adriaan Wormgoor

Wie nu langs de Neude loopt kan het niet ontgaan, theaterfestival Tweetakt is afgelopen vrijdag weer begonnen. Nu hoor ik jullie denken: wat heeft dat met mij te maken? Nou, naast dat je je jonge broertje, zusje, neefje, nichtje of het innerlijke kind in jezelf mee kan nemen naar een gave jeugdtheatervoorstelling, kun je er gamen.

Kars Alfrink van Hubbub, voor Bashers geen onbekende, heeft opnieuw een selectie speelbare games gecureerd voor op het festivalterrein. Waar zijn selectie van vorig jaar vooral draaide om artistieke installaties met interactieve elementen, is hij er dit jaar in geslaagd om zeer verslavende multiplayergames te vinden met een bijzonder hoog ‘pick up and play’-gehalte. Deze Tweetakt heb je de kans een zestal unieke spellen te spelen waarvan de meesten (nog) niet uit zijn gekomen voor de reguliere platformen. De kans om met vreemden, variërend van vijfjarige kinderen tot 50-jarige theaterkenners, een lekker potje te gamen. Dus ga naar de Neude, haal er een biertje of (erg lekkere) espresso en speel onderstaande spellen!

Room Racers mixt digitale auto's met fysieke voorwerpen

Racen zoals je dat als kind altijd al wou

Room Racers van Lieven van Velthoven stelt de speler in staat met geprojecteerde auto’s over echte circuits te racen. Dat wil zeggen, de willekeurige collectie spullen waarvan je daarnet een racebaan hebt gebouwd. De besturing is simpel en het bouwen en veranderen van een track is zo intuïtief dat werkelijk iedereen het kan. En dat kan zelfs tijdens de race, waardoor het bouwen en veranderen van de track geen los onderdeel is, maar deel van de gameplay en spelers en toeschouwers in staat stelt allerhande tactieken te gebruiken die zich buiten de directe digitale context afspelen. Pas als je Room Racers gespeeld hebt kan je zeggen dat je toch echt gewonnen zou hebben als dat rotkind naast je niet plotseling een afwasborstel op de baan had gegooid. Naast racen om de snelste tijd kun je vrij rondrijden en een arenagevecht doen waarbij je je koplampen als wapens afvuurt op een van de drie andere spelers.

Ik zal vast niet de enige hier zijn die al van jongs af aan spellen of elementen daarvan zelf bedenkt. En dat is precies waarom Room Racers zo briljant is, daar kan het, nee, moet het! Iedereen snapt het, iedereen speelt meteen mee, want iedereen heeft dit ergens in zijn leven al een keer willen doen. Niet voor niets won Room Racers onlangs nog de Dutch Game Award voor Best Student Game.

Grijpen en vliegen met Fourcelabs

Arcrane zoals de game eerder op de HKU getoond werd, foto door Kars Alfrink

Je kent ze wel van de kermis, die automaten met knuffels of speelgoed achter glas, slechts bereikbaar met een lastig bestuurbare robotarm. Ook op deze kermis kun je grijpen naar knuffeldieren, maar dan digitaal, met de game Arcrane, gemaakt door een groep HKU-studenten in opdracht - en onder begeleiding - van Fourcelabs. Vier spelers nemen het tegen elkaar op en proberen zoveel mogelijk knuffels en powerups in hun eigen bak te gooien, terwijl ze de vervelende voorwerpen bij de tegenstander dumpen. De game is grappig vormgegeven en zeer herkenbaar, inclusief de knoppen die je verwacht bij een echte automaat. Toch is de game (net als zijn broertje op de echte kermis) moeilijker dan het lijkt. Het duurt even voor je de bediening door hebt, en enkele festivalbezoekers hebben het tegen die tijd al opgegeven. Hoewel dit er voor zorgt dat je in je eerste speelsessie nauwelijks echt zult spelen (ik had een score van twee), valt er wat te zeggen voor de frustratie die dit met zich meebrengt. Na een beetje oefenen kan de echte ‘face-off’ beginnen en hoor je al snel mensen om de pilaar heen roepen: ‘Wie is er verdomme blauw? Zeven punten, pak hem!’

Sloopvogels, eveneens gemaakt door HKU-studenten onder de vlag van Fourcelabs, maakt gebruik van een Kinect en laat twee spelers hun vogel besturen door wild te flapperen en bewegen. Doel is niet om mooi te vliegen, maar zoveel mogelijk schade aan te richten door tegen alles op te knallen wat je maar kunt vinden. Protip: bomen mogen dan veel punten waard zijn, het geeft echt veel meer voldoening om te zoeken naar het grootste gebouw wat je vinden kan en daar vol overgave in te rammen.

Juichen voor een digitale voetbalmatch

Hokra in actie op Tweetakt. Foto door Liselore Goedhart

In een interview met Indiegames vertelt Ramiro hoe hij vanuit een simpele ‘pass-mechanic’ een game maakte, en er plotseling publiek ontstond tijdens de eerste vertoning van de game. Hokra is een simpel sportspel, het vereist slechts een control-stick en de ‘A’-knop om gespeeld te worden, is strak vormgegeven en de regels kunnen in vijf zinnen uitgelegd worden. Maar in die simpelheid ligt een enorme potentie voor diepgang en strategie in dit zeer verslavende twee-tegen-tweespel. Dat is ook de kracht van dit spel voor publiek, iedereen snapt snel waar het over gaat, en het is duidelijk te zien wanneer spelers een mooie move maken of sterk spelen.

Ik was ooit bij een keynote van Pac Man-ontwerper Toru Iwatani, waarin hij vertelde wat de kracht van zijn game en anderen uit die tijd was, en wat volgens hem het probleem was met moderne games: Games moeten helder communiceren wanneer en waarom er iets fout gaat, zodat meteen duidelijk is hoe een speler zichzelf kan verbeteren. Hokra is een schoolvoorbeeld van die theorie. Dat zorgt ervoor dat je niet gefrustreerd bent wanneer je verliest, maar nog een keer wil spelen. En nog een keer. En vooruit dan, nog een keer.

Hokra is strak en stijlvol vormgegeven

Let’s get physical

Een andere gouden indiegame die nog niet publiekelijk verkrijgbaar is is Johann Sebastian Joust van Die Gute Fabrik uit Kopenhagen. Dit spel, dat gespeeld wordt op muziek van Bach, is een gevecht tussen twee tot zeven spelers met als enige feedback de muziek en een lamp op je controller. De controller is bewegingsgevoelig; beweeg je te snel, dan dooft je lampje en ben je af. Doel is simpelweg om als laatste over te blijven, maar dat klinkt makkelijker dan het is. Daarvoor moet je namelijk de controller van je tegenstander aantikken of hem verleiden een te heftige beweging te maken, en ondertussen je eigen controller zo stil mogelijk houden. Wat ontstaat is vaak het best te omschrijven als een ‘slow-motion ninjagevecht’, waarbij slechts korte versnellingen in de symfonieën van Bach eventjes wat extra beweging toestaan.

Joust is bijna net zo interessant voor het publiek als voor de spelers, foto door Bennett Foddy

Na alle onderlinge strijd is het tijd om even wat intimiteit en samenwerking op te zoeken met Fingle van Nederlandse indie-ontwikkelaar Game Oven. Dit spel, wat ook verkrijgbaar is in de App Store, wordt gespeeld door twee personen op een enkele iPad. De slimme puzzels, die een klein beetje aan Twister doen denken, verleiden de twee spelers om steeds meer handcontact te maken. Zo ben je niet alleen bezig met het oplossen van de steeds complexere puzzels, maar ook met het aftasten van de sociale grenzen van je medespeler.

Gamen op de Neude

Al met al een sterke selectie waarmee de makers en Tweetakt laten zien dat games die verder gaan dan een computerscherm voor jong en oud vermaak bieden. Dat games niet complex of moeilijk hoeven te zijn aan de buitenkant om sociale spanningen te creëren of te doorbreken. In al die koude wintermaanden was ik bijna vergeten hoe leuk het is om ‘face to face’ met vreemden een spel te spelen. En daarmee zijn deze games die Kars Alfrink bij elkaar heeft gebracht op de Neude een kans die je niet mag missen. Zie de Bashers agenda of de Tweetakt website voor meer informatie.

Volg de reacties op deze post via RSS

Plaats een reactie

Registreer je als vaste gebruiker. Heb je dit al eens gedaan, log dan in.

Hou de discussie menselijk en inhoudelijk. Reageer bij voorkeur onder je echte naam, met je foto als avatar (via Gravatar).

Toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>