David en Niels in gesprek over Brothers in Arms: Hell’s Highway, deel 3



In deze nieuwe rubriek discussiëren David Nieborg en Niels ‘t Hooft over gamegerelateerde kwesties. De afgelopen twee weken mailden ze over Brothers in Arms: Hell’s Highway. Tot en met donderdag verschijnt dagelijks een mail. Lees eerst deel 1 en deel 2.

Brothers in Arms: Hell's Highway

Ha David,

Omdat je in de VS zit, dacht ik: laat ik eens beginnen met de presidentsverkiezingen, om daarna pas terug te gaan naar Brothers in Arms. Ik heb ook niet zoveel meer over het spel te zeggen, maar daarover straks dus meer.

Ik lees altijd met veel plezier de filosofische stukken van Rob Wijnberg, elke woensdag in nrc.next. Vorige week had hij het over Reinhold Niebuhr, een filosoof die we in Europa niet echt kennen, maar die voor zowel McCain als Obama een grote inspiratiebron vormt. In zijn autobiografie besteedt McCain twintig pagina’s aan Niebuhrs ideeën en Obama noemde hem een jaar geleden nog in een interview.

Nieburh was behoorlijk kritisch over Amerika. Zo vond hij dat “geen enkele samenleving groot of goed genoeg is om zichzelf als einddoel van de geschiedenis op te mogen werpen”. Dat zei hij in de context van de Koude Oorlog, maar met de huidige Amerikaanse buitenlandse politiek is het niet minder relevant geworden.

Ook was hij kritisch over oorlog. Zo waarschuwde Nieburh voor “preventieve oorlogen”, zoals die in Irak. Tegelijk was hij voorstander van het concept “rechtvaardige oorlog”. Volgens de just war theory is oorlog gerechtvaardigd als deze aan vier criteria voldoet. Zo mag een oorlog niet meer schade aanrichten dan het kwaad dat deze bestrijdt.

Ideeën die zowel McCain als Obama onderstrepen, en een gebied waarop McCain beslist een ander standpunt inneemt dan Bush, schrijft Rob Wijnberg.

Nu was ik laatst mijn interview met kolonel John Antal aan het uitwerken, de historisch adviseur van Gearbox Software. En het viel me op dat wat ik zie als typisch Amerikaanse ideeën over oorlog, en waarmee ik Antal met z’n harde stem en dikke nek automatisch associeer, eigenlijk de ideeën van Reinhold Niebuhr zijn.

Kijk maar eens naar het antwoord van John Antal op mijn irritante hippievraag over de noodzakelijkheid van oorlog (nu letterlijk):

“Echte oorlog is lelijk, grof en vreselijk. Je wilt het wanneer je kunt vermijden. Maar slavernij en moord is nog erger. Als je familie wordt aangevallen, verdedig je ze dan? Ja. Als je land wordt aangevallen, verdedig je het dan? De meeste mensen zeggen ja. Goede mensen zeggen ja. In de Tweede Wereldoorlog stonden we oog in oog met het vreselijke kwaad van het fascisme. Dat moest vernietigd worden. Het was een verschrikkelijke oorlog, maar we moeten hem niet vergeten.”

Dat citaat zit in z’n geheel in mijn artikel over Brothers in Arms, 27 september in NRC Handelsblad en binnenkort ook op Bashers. Als jij mag pluggen, mag ik het ook. Goed, jij plugde een collega, ik plug zonder blikken of blozen mezelf.

Om een van je vragen te beantwoorden: nee, ik heb Brothers in Arms: Hell’s Highway nog niet gespeeld. Los van een heel korte sessie op de presentatie waar ik in mijn vorige mail over schreef. Tot mijn frustratie, want er was mij beloofd dat ik de game ruimschoots voor mijn deadline zou hebben, en uiteindelijk heb ik hem nu nog steeds niet. Dat terwijl hij bij Dr Games, pardon, Nedgame, afgelopen woensdag al bleek te liggen. En dat was dus de dag van mijn deadline. Als ik het had geweten, had ik ‘m gekocht.

Nu is mijn artikel volgens mij prima gelukt, maar ik was van plan er nog een extra dimensie aan toe te voegen met mijn game-ervaringen. Maar die ervaringen heb ik nooit opgedaan. Vandaar dus ook dat ik nu niet zoveel over het spel te zeggen heb. Dit is eigenlijk een andere discussie: hoe wij als gamejournalisten altijd afhankelijk zijn van de bedrijven waarover we schrijven. En hoe we ons daardoor soms volstrekt machteloos en stupide voelen :-)

Tot slot wil ik nog even ingaan op je opmerking over het perspectief van de Duitsers en hoe je dat ook in films zelden terugziet. Ja, hier heb je gelijk, maar er komt gelukkig ook verandering in. Zo werd Enemy at the Gates (2001) verteld vanuit zowel het Russische als het Duitse oogpunt. En Der Untergang (2004) ging natuurlijk over de laatste dagen van Adolf Hitler.

Maar eerder waren er ook al vrijbuiters die zich hieraan waagden. Zoals onze eigen Paul Verhoeven. Dit weekend las ik zijn biografie, opgetekend door Rob van Scheers en net uit in nieuwe, uitgebreide editie. Verhoeven maakte in 1968, toen niemand daar nog op zat te wachten, al een documentaire over Anton Mussert, weliswaar geen Duitser maar beslist ook geen lieverdje. En in Soldaat van Oranje (1977) zit de verhaallijn van Alex, gespeeld door Derek de Lint, die voor de Duitsers komt te vechten. Het idee van deze verhaallijn was te laten zien dat iedereen zomaar aan de foute kant kan komen te staan.

Een aantal van Verhoevens latere Amerikaanse films gingen ook over de Duitser in ons allen. Showgirls toont hoe het slechtste van mensen bovenkomt aan de lelijke kant van Amerika en Starship Troopers laat zien dat een fascistisch regime helemaal niet zo ver afstaat van de huidige maatschappij. Voor de eerste film werd Verhoeven uitgemaakt voor perverseling en voor de tweede zelfs voor antisemiet. Zelf hield hij vol dat hij slechts de schaduwkant van de mens wilde tonen. En bovendien: het lukte hem mooi wel om de studio’s zo gek te krijgen dat hij voor veel geld die films mocht maken.

Kortom, om het soort games te maken waarover wij speculeren, is een listige Hollandse jongen die vindingrijk en volhardend genoeg is om zijn droom waar te maken. Wie wordt de Verhoeven van de games?

Groetjes,
Niels

Lees het antwoord van David, in deel 4

Eén reactie

  1. Maurits · 8-10-2008 · 10.39 uur

    Ik vind het citaat niet echt slaan op de ideeen van Niebuhr.

    Antal duidt nadrukkelijk de tweede wereldoorlog als voorbeeld voor een rechtvaardige oorlog en zwijgt over Irak. Het is het standaard antwoord van een PR bewust persoon.

    Ik wordt altijd een beetje moe van de politiek correcte antwoorden. Je kan het hem natuurlijk niet kwalijk nemen, het is juist heel slim van hem, maar het is een nietszeggend citaat.

    Terzijde:
    Ik heb nooit op die manier naar Showgirls gekeken eigenlijk, grappig. Toevallig heb ik de film deze week nog verdedigd toen die voor de zoveelste maal als een schoolvoorbeeld voor een slechte film werd aangehaald.

Volg de reacties op deze post via RSS

Plaats een reactie

Registreer je als vaste gebruiker. Heb je dit al eens gedaan, log dan in.

Hou de discussie menselijk en inhoudelijk. Reageer bij voorkeur onder je echte naam, met je foto als avatar (via Gravatar).

Toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>