In deze rubriek discussiëren David Nieborg en Niels ’t Hooft over gamegerelateerde kwesties. Dit keer: Modern Warfare 2. Lees eerst deel 1, deel 2 en deel 3.

Amsterdam, 7 januari 2010
Hoi Niels,
Dat is lang geleden. Kerst, oud en nieuw. Inmiddels is het 2010. Nieuwe ronde, nieuwe kansen!
Uiteindelijk heb ik een haat-liefdeverhouding ontwikkeld met Modern Warfare 2.
Eerst de liefde, vooral voor de multiplayer. In de tussentijd ben ik opgeklommen naar de rang van, jawel, Majoor Generaal (level 60+). Heeft me ellendig veel tijd gekost, maar het was me elke seconde waard. Ik ben nog niet eens zo heel slecht eigenlijk. Er zijn rondjes dat ik als een natte krant door de spelwereld hobbel en de ene na de andere kogel tussen mijn ogen geplant krijg. Maar gedurende de laatste sessies raakte ik echt op dreef en kon ik met de top meekomen. Ik haal het niet bij de 14-jarige Engelse kleuters die in de tijd dat ik mijn geweer aangelegd heb al een tweede slachtoffer een luchtgaatje hebben gegeven, ik moet het meer hebben van tactisch inzicht, wat je toch nog enigszins kan helpen.
Haat is er ook.
Ten eerste omdat het in bepaalde spelmodi (met name Team Deathmatch) mogelijk is om als een kip zonder kop rond te rennen en mensen dood te steken. Kun je weinig tegen doen. Een soort Al-Qaeda-terrorist die geen geld heeft voor een bom, maar wel voor een mes. De suïcidale speler komt op je afgerend en voordat je kunt schieten heeft hij zijn mes het werk laten doen en lig je dood te vloeken. Ik word er niet vrolijk van en het voelt hierdoor als een ongebalanceerd spel.
Komt bij dat de maps in MW2 uitermate compact zijn. Goed sluipschutter spelen is onmogelijk. Je vijand ziet waar je zit door de ‘killcam’ (laatste seconden van je dood) en de levels zijn vaak zo klein dat het onmogelijk is om je vervolgens nog eens goed te verschuilen.
Dat is mijn grootste kritiekpunt op de multiplayer. Die is niets meer en minder dan een behendigheidsspelletje. Wie schiet er eerder? Wie kent de maps beter uit zijn hoofd? Wie heeft de beste combinatie van perks (die je speciale mogelijkheden geven, zoals langer kunnen rennen)? Ik zeg bewust ‘spelletje’, want MW2 beklijft niet, het is een potje van maximaal tien minuten en dan begin je weer opnieuw. Je kan wel iets opbouwen, je personage, en die van nieuwe wapens voorzien, maar dat is het.
En nu, in 2010, heb ik het dus wel weer gezien. Ik snap het nu. Om maar te zeggen: MW2 is uitermate statisch en ik had gehoopt dat dat nu juist iets zou veranderen. De spelwereld is leeg en doods. Geen burgers in de multiplayer die verhinderen dat iedereen zomaar granaten in het rond strooit, geen verwoestbare infrastructuur, geen dynamische levels met deuren die soms open en soms dicht zitten. Niets van dat alles. De strijd heeft niets blijvends, je bent geen onderdeel van een groter geheel zoals dat in een oorlog gewoon is.
De vluchtigheid van de ervaring van het spelen van Modern Warfare 2 had ik graag anders gezien. Want zoals ik in mijn vorige e-mail al zei, MW2 is een goed spel maar niet meer dan dat. Net als World of Warcraft en de laatste Guitar Hero-delen is het een verbeterde versie van een bestaand (succesvol) spelformat: de shooter. Maar niet een nieuwe stap voor het genre. De laatste twee weken heb ik MW2 niet kunnen spelen, maar nu, in het nieuwe jaar, is de behoefte er niet meer.
Waarom zeg ik dit? Ik wil dit breder trekken. Als MW2 de blockbuster van het vorige decennium is, de game der games (tot deel 3 verschijnt), dan zegt dat veel over het medium. Ondanks de poging om de singleplayer toch nog enige diepgang mee te geven (daar heb je gelijk in, er is een goede poging gedaan), blijft MW2 een oppervlakkige gamesnack. Een spelletje. Leuk, voor even. Maar wat zegt dat over het medium? Zegt u het maar.
Je slaat de spijker op zijn kop over de singleplayer, maar 24 is nog spannend en er zit nog een lijn in het verhaal. De karakters in MW2 zijn uitermate eendimensionaal. Eeuwig zonde. Als Uncharted 2 iets laat zien, om van goede RPG’s maar te zwijgen, dan is het dat je personages toch nog enigszins kunt uitdiepen.
Nogmaals, ik heb een haat-liefdeverhouding. Ik vind het een hartstikke leuk spel om te spelen en heb het met veel plezier gedaan. Maar net als met goede studenten of met mensen die je hoog hebt zitten, had ik net iets meer verwacht van MW2. MW2 had de potentie om zoveel meer nog te doorbreken, maar heeft dat niet gedaan.
Dat brengt mij bij een toekomstblik. Allereerst de vraag wat de concurrentie gaat doen. Take-Two en EA zijn eindelijk wakker, de lead times in de gameindustrie zijn zo lang dat de onlangs aangekondigde titels al deze zomer of nog veel eerder gestart zijn. En dat is goed nieuws. Concurrentie, ik blijf het zeggen, is alleen maar goed. Ik hoop dat deze nieuwe titels doen wat MW2 heeft laten liggen, want zoals ik hierboven al aangeef, er is genoeg om uit te werken. Ik heb dan ook hoge verwachtingen, en van wat ik gezien heb, krijgt de EA-titel van mij het voordeel van de bij mij nooit afhoudende twijfel. Naar Afghanistan en een realistischer sausje? Eindelijk!
De oorlogen waar onze generatie mee opgroeit (Irak en Afghanistan, a.k.a. de GWOT of Global War On Terror), is zo goed als afwezig op tv, zeker in de VS. Laat de jeugd (18-35) maar zien wat daar gebeurt, ook in spelvorm kan dat.
En dan over die businessmodellen. Ik weet niet of het nog in deze (console)generatie gebeurt, maar als er een abonnementsmodel komt voor een consolegame dan is Activision Blizzard de eerste en na Guitar Hero is de Call of Duty een uitgelezen kandidaat. De vraag is niet of, maar wanneer.
Om af te sluiten, in de tijd dat ik niet MW2 gespeeld heb, las ik het boek The Looming Tower: Al Qaeda and the Road to 9/11 van Lawrence Wright. Ben blij dat ik de controller even weggelegd heb. Wie echt iets van moderne oorlogsvoering en de strijd tegen terrorisme wil begrijpen, raad ik aan dit zeer goed geschreven boek te lezen. Dan maar geen Prestige Mode!
Groet,
David.
