De vijand van vernieuwing



Zomer 1992. Eindelijk werd mijn maandenlange gezeur beloond: ik kreeg mijn eerste spelcomputer voor mijn zesde verjaardag. Een grijze schoenendoos met twee knopjes en een lampje aan de voorkant. Het was gaver dan de enorme racebaan die ik had gekregen, interessanter zelfs dan alle andere cadeaus bij elkaar. Uiterst voorzichtig, alsof ik een hartoperatie moest uitvoeren, schoof ik de plastic schijf met daarop een sticker van Mario en Duck Hunt in de console. Ik drukte op ‘Power’. Het lampje lichtte rood op en er verscheen een lopend mannetje op het scherm. In zwart-wit. Magisch.

Ik hou ervan om terug te denken aan games van vroeger. Vanaf het moment dat ik die eerste Nintendo-console kreeg, is mijn leven mede gekleurd door de spellen die ik speelde. Natuurlijk waren er boeken, films en muziek, maar games hadden iets bijzonders. Het was niet alleen superspeelgoed waarin ‘doen-alsof’ echter werd dan ooit. Het waren ervaringen die eigenlijk uitsluitend voor mijn generatie werden gebouwd.

Cynische benadering

Dat gevoel kreeg ik zelfs als ik een spel speelde dat niet bepaald voor mijn leeftijdscategorie bedoeld was, zoals Duke Nukem 3D of Red Alert. Mijn ouders speelden helemaal geen games, dus er was niets dat me weerhield om me het gehele medium toe te eigenen. Maar deze neiging om popcultuur als je bezit te zien - of misschien zelfs een onderdeel van je identiteit - maakt nostalgie gevaarlijk. Neem als voorbeeld het recent verschenen Diablo III. Ik was sceptisch over werkelijk alles wat ik gedurende de ontwikkeling van de game zag en hoorde. De wereld was niet langer bleek en donker, maar kleurig en fel. Verplicht online zijn wanneer je solo wilt spelen was me altijd al een doorn in het oog. De infusie van echt geld in een fictieve wereld vond ik welliswaar een interessant economisch experiment, maar vooral een cynische benadering van een overdreven fraudeprobleem.

En toen kwam mijn broertje trots langs met een zwartrood doosje. Ik voelde een steek heimwee. ‘Hier heb je een guest pass’, zei hij met een twinkeling in zijn ogen. En ik dacht terug aan mijn allereerste Diablo-ervaringen. Hoe spannend het was om ‘s avonds laat met zijn tweeën de kerker te verkennen, verrast te worden door een groep monsters en al je magische spullen te verliezen (nu vind ik het ‘spannend’, maar het is waarschijnlijk dat het toen vooral kut was). Hoe dan ook: voordat ik het wist had ik Diablo III gekocht.

Gedesillusioneerd

Nog geen maand later werd al duidelijk dat dit geen game is die ik veel ga spelen. Daar zijn teveel redenen voor om nu uitgebreid op in te gaan, maar een grote teleurstelling was het flinterdunne verhaal; dat nog slechter is dan in de voorgaande delen en dat van ‘fetch-quests’ aan elkaar hangt. Ik had vernieuwing en verbetering verwacht. Maar mijn nostalgie had me een game verkocht waarvan ik eigenlijk al wist dat hij me geen plezier zou schenken.

Ik identificeerde me met een versie van mezelf die niet meer bestaat en was daarmee vergeten hoe erg mijn opvattingen over goede spellen zijn veranderd. Nostalgie maakt je hebberig. Ik jaagde op een herbeleving van een ervaring die door de verstreken tijd vanzelf was geromantiseerd. Bovendien kon ik door de goede herinneringen niet langer rationeel nadenken over de merites en tekortkomingen van de game. Maar heimwee naar games van vroeger kost méér dan nu en dan gedesillusioneerd stranden met een matige game.

Risico

Denk aan alle mensen die Duke Nukem Forever gekocht hebben voor de wanstaltige prijs van 50 euro. Niet alleen kochten zij een product dat zijn relevantie al jaren geleden verloren had, ze gaven ook een signaal aan de ontwikkelaar dat het good business is om te investeren in het besmeuren van hun mooie herinneringen. Er is een mooie naam voor het gevolg van zo’n signaal: sequelitis. Dat klinkt misschien als een ziekte en dat is het eigenlijk ook wel een beetje.

Natuurlijk is nostalgie niet de enige reden waarom de gamesindustrie zich zo gericht heeft op toevoegingen aan bestaande franchises, toch heeft het een belangrijkere invloed dan vaak wordt gedacht. We willen vervolgen en remakes omdat de herinneringen zo bekend en vertrouwd zijn. De meeste consumenten lopen het liefst zo weinig mogelijk risico, dus dan is het kopen van een sequel een logische keuze. En publishers die veel geld te verliezen hebben en de verantwoordelijkheid dragen voor een enorme hoeveelheid mensen zijn nog allergischer voor risico.

Achterdocht

Toch zijn er ook voordelen van nostalgische gevoelens te bespeuren. Zo zijn er ontelbare initiatieven om oude games te conserveren en zelfs op te poetsen. Was je een fan van Goldeneye op de N64? Dan is er een mod voor Half-Life 2 die het spel nieuw leven inblaast. Wil Square maar geen remake van Final Fantasy VII maken? Dan maak je hem toch zelf door verschillende mods aan elkaar te koppelen. Is de cartridge van je favoriete SNES RPG (in mijn geval Lufia) kapot? Download een emulator. Metal Gear Solid te blokkerig? Koop de remake voor de Gamecube. Projecten als deze staan of vallen met het enthousiasme van het publiek voor een bepaalde titel. Dat besef begint ook te dagen over genres die lang dood werden gewaand. Double Fine startte via Kickstarter een project om de ‘point and click adventure’ nieuw leven in te blazen. En met succes: ze haalden meer dan drie miljoen dollar op voor een spel dat nog gebouwd moet worden.

Het is goed om de games van vroeger te koesteren. Er zijn zoveel pareltjes gemaakt dat het zonde zou zijn als ze niet meer gespeeld zouden worden. Bovendien bieden oude games een schat aan informatie over goed design; het zijn uitstekende instrumenten om van te leren. Maar enige achterdocht is verstandig wanneer we overmand worden door nostalgie. Irrationele verering van het verleden verhoudt zich slecht tot originaliteit. En in die zin is nostalgie de verraderlijkste onder de vijanden van vernieuwing.

Eén reactie

  1. Wormpaul · 23-9-2012 · 2.35 uur

    Ik snap je punt over Diablo III en het slechte verhaal maar je moet Diablo ook niet willen/kunnen vergelijken met z`n voorgangers omdat er een te lange tijd tussen heeft gezeten….

    Neem spellen als in een reeks om te zien hoe ze tot elkaar verhouden maar ga geen spellen over de generaties heen vergelijken want dat zal helaas nooit opgaan..

Volg de reacties op deze post via RSS

Plaats een reactie

Registreer je als vaste gebruiker. Heb je dit al eens gedaan, log dan in.

Hou de discussie menselijk en inhoudelijk. Reageer bij voorkeur onder je echte naam, met je foto als avatar (via Gravatar).

Toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>