Een computerspel om van te kotsen: over Mirror’s Edge en simulatorziekte



Dit artikel verscheen eerder in nrc.next.

Mirrors Edge

“Ik vind Mirror’s Edge echt tof,” zegt Gabe, hoofdpersoon in de Amerikaanse webstrip Penny Arcade, een joystick in zijn handen. Vervolgens besteedt hij vier plaatjes aan het legen van zijn maaginhoud in een emmer. Zijn buddy Tycho zegt: “Je weet dat je mag stoppen hè?” Gabe wil er niet van weten. “Het gaat best. Ik ben bijna klaar met het eerste level.”

Mirror’s Edge draait om Faith, een illegale boodschapper in een futuristische stad met een totalitair regime. Het vrije woord is streng verboden en om te zorgen dat het verzet kan blijven communiceren, brengt ze te voet berichten rond. Dit doet ze op een manier die lijkt op parkour. Ze klimt op wolkenkrabbers, springt van het ene naar het andere dak, balanceert op smalle overgangen, maakt slidings onder obstakels. Alles in één vloeiende, razendsnelle beweging.

Een en ander wordt stijlvast in beeld gebracht, vanuit de ogen van Faith. De camera zwiept alle kanten op. En dat kan zorgen voor een effect dat experts simulatorziekte of cybersickness noemen.

Simulatorziekte

“Simulatorziekte is een vorm van bewegingsziekte,” zegt Jelte Bos van TNO in Soesterberg. “Het ontstaat door het verschil tussen de beweging die je voelt met je evenwichtsorgaan en de beweging die je ziet met je ogen. Normaalgesproken komen die twee met elkaar overeen. Maar kijk je naar de bewegende beelden van een computerspel, dan zie je wel beweging, maar voel je dat niet met je evenwichtsorgaan.” Niet iedereen heeft er last van, maar bij sommige mensen zorgt het voor duizeligheid en misselijkheid.

Kan Bos verklaren waarom juist Mirror’s Edge dit effect heeft? “Meerdere factoren zijn van belang: snelheid, beeldgrootte, beeldverversing en de richting van de beweging,” zegt hij. “Bij Mirror’s Edge zijn meer bewegingen mogelijk dan bij andere spellen. Ik vermoed dat dit de belangrijkste oorzaak van het probleem is.”

Grappig genoeg heeft de maker van Mirror’s Edge, de Zweedse ontwikkelstudio EA DICE, juist hard gewerkt om de effecten van simulatorziekte te verminderen, zegt producent Tom Farrer. “Simulatorziekte is een probleem voor alle games die vanuit de eerste persoon worden bekeken, maar omdat niet iedereen er last van heeft, hebben tot nu toe weinig ontwikkelaars moeite gedaan om het op te lossen.”

Net als Bos denkt hij dat het probleem voortkomt uit de bewegingen die in beeld worden gebracht. “Weinig spellen hebben zoveel camera-animaties als Mirror’s Edge. Daardoor werd simulatorziekte vanaf het begin van de ontwikkeling een belangrijk issue voor ons.”

Oplossingen

Een van de oplossingen die men doorvoerde is een punt die middenin beeld staat. Om de speler zoveel mogelijk onder te dompelen in de gestileerde stad, zijn er geen kunstmatige interface-elementen in beeld, behalve deze punt. Farrer: “Die stelt je ogen in staat op natuurlijkere wijze te focussen. Je kijkt naar één punt in plaats van naar de hele scène in een keer.”

Belangrijker is de camerahoek. “Die hebben we zo breed mogelijk gemaakt. Het is nog net geen fish-eye, wat het beeld zou vertekenen. Zo zie je veel beter wat er om je heen gebeurt. First-person games hebben vaak een erg smalle beeldhoek, onder andere omdat er dan minder objecten tegelijk in beeld zijn. Zo bespaar je rekenkracht. Maar met een smalle hoek voelt het alsof je oogkleppen ophebt, waardoor je snel niet meer weet waar je bent en je simulatorziekte kunt krijgen.”

Farrer is tevreden met het resultaat. “Ik heb zelf last van simulatorziekte, maar kan Mirror’s Edge probleemloos spelen. Ook bij de focustests waren de resultaten goed. We kregen nauwelijks klachten.” Toch worden er nog mensen ziek, zoals Gabe van Penny Arcade. Maar Tom Farrer houdt vol dat het niet meer is dan bij traditionele first-person games, die veel minder met de camera doen.

Habituatie

Jelte Bos gelooft wel in de oplossingen die Farrer aandraagt. “We weten dat het effect heeft. Hoe precies en in welke mate, daar doen we op dit moment bij TNO onderzoek naar. We hopen dat daar op niet al te lange termijn oplossingen uit rollen waarmee ook de gevoeligen onder ons van computerspellen kunnen genieten.”

Heeft hij verder nog tips? “Standaardoplossingen zijn om met veel omgevingslicht aan te spelen, een klein beeldscherm te nemen of het scherm van voldoende afstand te bekijken. Maar de echte gamer wil dit juist niet, omdat het afdoet aan de ervaring.” Habituatie, oftewel gewenning, kan ook werken. “Het kan helpen om na een pauze of de volgende dag toch de draad weer op te pakken. Je moet echter niet steeds zo ver gaan dat je over je nek gaat, zoals in die mooie strip, want dat kan averechts werken.”

Lees ook de volledige interviews met Jelte Bos en met Tom Farrer.

Geen reacties

  1. Bashers » Blog » TNO-wetenschapper Jelte Bos over simulatorziekte · 25-11-2008 · 8.00 uur

    […] mailde Jelte Bos van TNO in Soesterberg om meer te weten te komen voor mijn fraai getitelde artikel Een computerspel om van te kotsen over Mirror’s Edge. Interessant genoeg om het hele interview hier te publiceren, dacht ik zo. […]

     
  2. Bashers » Blog » Mirror’s Edge-producer Tom Farrer over simulatorziekte · 25-11-2008 · 8.31 uur

    […] Mirror’s Edge-producer Tom Farrer om meer te weten te komen voor mijn fraai getitelde artikel Een computerspel om van te kotsen. Interessant genoeg om het hele interview hier (in het Engels) te publiceren, dacht ik zo. (En als […]

     
  3. Bashers » Blog » iPhone-selectie: oude liefde roest wél · 30-3-2009 · 8.03 uur

    […] besturing werkt uitstekend, maar door al het draaien en rondkijken kreeg ik na enkele levels al een flinke misselijkheid. Blijkbaar leent deze game zich meer voor een groter scherm. Verder is Wolfenstein 3D Classic erg […]

     

Volg de reacties op deze post via RSS

Plaats een reactie

Registreer je als vaste gebruiker. Heb je dit al eens gedaan, log dan in.

Hou de discussie menselijk en inhoudelijk. Reageer bij voorkeur onder je echte naam, met je foto als avatar (via Gravatar).

Toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>