
Opmerkelijk nieuws van europarlementslid Toine Manders van de VVD: het voorstel voor de ‘rode knop’ om over gewelddadige games te klagen, waarover ik eerder postte, is goedgekeurd door het Europese Parlement. Die rode knop gaat er komen en industrie-organisatie PEGI werkt eraan mee.
Maar eerst een stapje terug. Na gisteren wat vragen op Bashers te hebben gezet en contact te hebben gezocht met meneer Manders, kreeg ik vanmiddag zijn ‘ontwerpverslag’ in de mail, “over de bescherming van de consumenten, met name minderjarigen, met betrekking tot het gebruik van videospellen”.
Het document bevat 24 punten omtrent dit onderwerp plus een toelichting van twee A4’tjes. (Lees het zelf als je wilt, in PDF-formaat.) Het moet gezegd: er staat weinig onzin in. Manders is positief over games en vindt dat er meer voorlichting moet komen aan ouders en leerkrachten, kortom de mensen die games niet snappen. Ook gelooft hij niet in extra wetgeving. Hij staat dus lijnrecht tegenover de paniekzaaiers die willen dat gewelddadige games verboden worden.
Alleen die rode knop… Niet alleen blijft die belachelijk klinken, het idee lijkt me ook nog steeds moeilijk uitvoerbaar. Wat een en ander nog onduidelijker maakt, is dat in het ontwerpverslag iets heel anders staat dan in het ANP-bericht van gisteren.
Het ontwerpverslag:
Het Europees Parlement verzoekt de Commissie en de lidstaten in samenwerking met de sector te onderzoeken of het zin heeft een “rode knop” te ontwikkelen die in (mobiele) consoles of spelapparaten en computers kan worden geïntegreerd en die een bepaald spel buiten werking stelt of de toegang tot een spel gedurende bepaalde uren of bepaalde delen van een spel kan controleren.
Het ANP-bericht:
Europarlementslid Toine Manders (VVD) wil een rode knop op videospelletjes. Ouders, leerkrachten of anderen kunnen daarmee automatisch een klacht indienen als ze het spelletje te gewelddadig vinden.
Genoeg reden om Manders te benaderen met wat vragen. Aan het einde van de (werk)dag heb ik hem uiteindelijk een halfuur telefonisch gesproken. Wat volgt is een uitgeschreven, licht bewerkte en ingekorte versie van die conversatie.
Niels: Is die rode knop nou een fysieke knop op het spelapparaat of een virtuele knop op het scherm?
Toine Manders: “Het is de bedoeling dat deze zich virtueel op het scherm bevindt, horend bij de game.”
En iedere spelproducent moet wettelijk verplicht worden om dit te implementeren?
“Nee, we willen bewust geen nieuwe wetgeving maken. Dit is tot stand gekomen via overleg en de industrie heeft aangegeven eraan mee te willen werken, via [Europese overkoepelende organisatie van de game-industrie] PEGI. Vandaag is er gestemd en het Europese Parlement wil dit gaan invoeren.”
Wat doet de knop nou precies?
“De bedoeling van de knop is om het spel af te zetten. Maar ook om, als je online bent, direct een e-mail te sturen naar PEGI. Naar een soort verzamelbak van reacties van ouders, maar bijvoorbeeld ook van spelers. Ook zij kunnen zeggen: ‘Dit is niet wat ik ervan had verwacht, het spel is veel te agressief of seksistisch.’”
Maar dat weet je toch al als je gaat spelen, want er staat 16+ op.
“Het kan zijn dat PEGI de inhoud verkeerd heeft ingeschat. Op deze manier kan men dat controleren.
De rode knop geeft ouders en spelers ook meteen de herkenning dat het een geregistreerd spel is. Als die knop er niet is, dan is het spel in elk geval niet gemaakt door een producent die samenwerkt met PEGI.”
Van wie komt het idee van de rode knop?
“Het idee komt van mij, maar PEGI heeft meteen gezegd dat het mogelijk is, en ook de industrie heeft gezegd dat het geen probleem is.”
Even praktisch. Ik ga op de Wii een tennisspel spelen. En het blijkt dat ik de tegenstander kan onthoofden met de bal. Dan denk ik dus, nu wil ik de rode knop! Hoe doe ik dat dan?
“Met de cursor ga je naar de rode knop. Dan springt het spel uit. Maar de Wii is niet online, dus je kunt geen e-mail verzenden.”
De Wii kan ook op internet. Hij heeft Wi-Fi.
“Als je de Wii via internet doet, dan zie je een rode knop op het scherm. Zoals je bij machines een gevarenknop hebt. Daar druk je op en dan houdt-ie meteen op. Tegelijk stuur je een signaal naar PEGI.
Dit kan ook al op de pc. Als je een storing hebt, dan verschijnt er een pop-up die de foutmelding van de software meteen naar Microsoft kan sturen.”
Dit zou betekenen dat iedere spelmaker ruimte moet opofferen.
“Het is toch maar een kleine knop?”
Maar er zijn games die helemaal geen interface-elementen laten zien, omdat de makers hun spelers maximaal willen onderdompelen in het spel, om de ervaring optimaal te maken.
“De kleine rode knop rechtsonder is volgens mij niet het probleem. We hebben twee workshops gehad hierover, en de makers hebben toen gezegd dat dit geen probleem is.
We komen niet met extra wetgeving. We willen niets verbieden, het is allemaal op basis van vrijwilligheid. Deze industrie zet nu acht miljard euro per jaar om, dat is ongeveer de helft van de muziekindustrie, het is een serieuze markt aan het worden. De producenten willen serieus genomen worden, ze willen serieus aan de markt meedoen, en niet door PEGI op een zwarte lijst worden geplaatst.”
Maar PEGI is een organisatie vanuit de game-industrie, toch?
“Het is een samenwerking tussen verschillende stakeholders, waaronder de Europese Commissie.”
Even voor mijn beeldvorming. Nintendo is de maker van de Wii en is [via de ISFE] lid van de PEGI. Heeft Nintendo gezegd dat die rode knop oké is?
“Een aantal producenten heeft gezegd dat het geen probleem is. PEGI heeft gezegd dat het geen probleem is. Ik ben vandaag gebeld door [Nederlandse PEGI-partner] NICAM, daar heeft men gezegd dat het geen probleem is. Dus ik zou niet weten waar ik de beren moet gaan zoeken.”
Wat je me hebt toegestuurd was een ‘ontwerpverslag’.
“We zijn tot de conclusie gekomen dat videogames enorm veel positieve invloed hebben op de ontwikkeling van de jeugd. Maar we zijn ook tot de conclusie gekomen dat met name de wat ouderen videogames, die ze niet begrijpen, beangstigend vinden. Daarom zie je dat politici zeggen: ‘We moeten voorzichtig zijn, misschien moeten we het verbieden.’
Dertig, veertig jaar geleden, toen Blue Movie [uit 1971, de eerste Nederlandse bioscoopfilm met seksscènes] uitkwam, dachten mensen dat iedereen wild de straat op zou gaan om vrouwen te verkrachten. Dat is toen ook niet gebeurd.
Daarom zeggen wij: PEGI moet een veel grotere rol krijgen in de voorlichting naar scholen toe. Men moet zorgen dat onderwijzend personeel en kinderen, al in een vroeg stadium, ingelicht worden over het eventuele gevaar van games. En men moet ook zorgen dat ouders weten waar ze het over hebben.
Dus voorlichting in plaats van wetsvoorstellen, want verbieden helpt toch niet.”
En met het ontwerpverslag is ingestemd?
“Ja. De Commissie was gisteren in het debat aanwezig en heeft gezegd dat we de voorstellen in principe integraal kunnen overnemen.”
Dus die rode knop, die komt er?
“Ja.
Ik weet niet of het volgend jaar wordt of dit jaar, maar die rode knop, een knop als een soort noodstop, die trouwens ook best een andere kleur kan hebben, die gaat er komen. Het gaat erom dat er een knop is die opvalt, die iedereen kan indrukken.
Als je op school leert omgaan met de waarden en normen die je mag verwachten van zo’n videogame, dan kun je ook bepalen of je het te eng vindt. Ik heb ook wel ooit een griezelfilm afgezet, omdat ik het gewoon niet prettig vond om ernaar te kijken.
Het is niet per se dat ouders het uit moeten zetten, het kan ook zijn dat het kind denkt, pats, ik zet hem uit.”
Maar dat kan toch al? Er zit toch gewoon een uitknop op je spelcomputer? Een kruisje op je venster?
“Ja, maar als je tegelijkertijd een e-mail stuurt waarmee je het signaal geeft dat het te eng is, terwijl PEGI heeft gezegd dat het best moet kunnen, dan werkt dat als een dubbelcheck.”
Moet dat dan niet ook bij tv-programma’s, films, boeken, theaterstukken?
“Het dossier gaat daar niet over, maar ik zou het zelf prima vinden als het zou kunnen.”
Je leest Turks Fruit en je denkt, dit gaat wel heel ver, al die kutten in het eerste hoofdstuk. En dan druk je op de knop.
“Ik zou het prima vinden als het zou kunnen. Het wil niet zeggen dat je het doormiddel van wetgeving verbiedt, maar je zorgt wel dat de uitgever weet dat veel mensen zeggen: ‘Dit is op het randje,’ en dat men misschien denkt, we doen het de volgende keer wat minder.”
Stel dat Jan Wolkers nog leefde, dan zou de uitgever tegen hem zeggen: ‘Nou meneer Wolkers, dat volgende boek, daar moet wat minder seks in.’
“Als hij zijn boeken wil blijven verkopen wel, ja. Het zou best kunnen dat sommige mensen zeggen: ‘Die Wolkers is, of was, een leuke kunstenaar, zijn beelden mag ik wel en de boeken die ik heb gelezen mag ik wel, maar nou schrijft-ie een boek dat zó ver gaat.’ Hij weet dan dat er klachten zijn en kan bedenken dat als hij meer boeken wil verkopen, hij zijn volgende boek misschien minder scherp moet stellen. Je creëert er een stukje marktmechanisme mee.”
Het ANP-bericht over uw rapport leek me wat kort door de bocht. Zo stond erin dat de helft van de games online wordt gespeeld, wat volgens mij uit de lucht gegrepen is.
“Nee. De journalist die dat geschreven heeft, was ook aanwezig bij een aantal workshops. Die helft waar je het over hebt kwam naar voren tijdens een van die workshops. Professor [Jeffrey] Goldstein, een Amerikaan die lesgeeft in Utrecht, doet hier onderzoek naar en hij heeft dit meegedeeld. Dus het ANP-bericht was wat mij betreft in orde.”
In het voorstel staat dat de rode knop een soort parental control is waarmee het spel uitgezet kan worden. Maar volgens het ANP-bericht is het een klachtendienst.
“Het is een combinatie van beide, maar het dient vooral om de markt beter te laten werken. Zodat de producent zich beter kan aanpassen aan de consument. Het doel is dat de consument direct kan reageren.”
In het rapport staat ook dat je de tijdstippen waarop kinderen mogen spelen met de knop moet kunnen instellen.
“De mogelijkheden op dat gebied gaan nog onderzocht worden. Zodat je bijvoorbeeld kunt zeggen: ‘Ik wil niet dat mijn kinderen na twaalf uur nog spelen.’”
Er staat ook in het rapport dat de rol van PEGI moet veranderen.
“NICAM bepaalt in Nederland de leeftijdsnormen, voor Europa gecoördineerd door PEGI. Zij zetten bijvoorbeeld waarschuwingen op de games die je in de winkel koopt. Maar er komen steeds meer onlinespelletjes en die maken leeftijdsclassificatie een stuk moeilijker. Daarom moet de taak van PEGI op Europees niveau worden uitgebreid, met een Europese leeftijdsclassificatie.”
Maar er is toch al een Europese classificatie?
“Lidstaten als Duitsland hebben een andere wetgeving dan Nederland. Ook zijn er landen met net iets andere leeftijdswaarden. We willen ernaar streven dat dit Europees geregeld wordt, voor games in het algemeen, maar met name voor online videogames, omdat deze op dit moment een enorme vlucht nemen.
Ten tweede moet PEGI dus input gaan leveren voor voorlichtingslessen op scholen, waardoor onderwijzend personeel met games leert omgaan, kinderen hun waarden en normen ten opzichte van games leren kennen, en ouders wellicht ook iets meekrijgen. Ook voor hen is het een stukje opvoeding. Zoals toen Blue Movie uitkwam en heel Nederland eraan moest wennen.”
Ik vroeg me ook nog af hoe dit technisch geregeld moet worden, bijvoorbeeld met illegale downloads.
“Als het een illegale game is en er zit geen rode knop op, dan kunnen ouders aan de hand daarvan wellicht zeggen: ‘Hé, je hebt het illegaal gedownload.’
Ook daar zit een stuk voorlichting. Want je kunt wel proberen alles voor niks te krijgen, maar als iedereen illegaal downloadt, zullen er uiteindelijk ook geen producenten meer zijn. Je moet leven en laten leven.”
Komt er straks een overheidscampagne: speel geen game zonder rode knop?
“Misschien wel. Dan wordt het een soort Europees kwaliteitskeurmerk, zoals drie keer kloppen voordat je bankzaken doet.
Als liberaal, als lid van de VVD, wil ik zo min mogelijk wetgeving. Maar ik denk wel dat je heel veel kunt doen met voorlichting en dat je mensen daarmee kunt opvoeden.”
Ik blijf het een lastig verhaal vinden, omdat ik games beschouw als een cultureel medium. Neem het spel Flower. Daarin zweef je door een prachtig heuvellandschap en moet je bloemblaadjes plukken. Het spel werkt ontspannend en is bijna een soort kunst. Aan die prestatie wordt afgedaan als er een rode knop in beeld verschijnt.
“Het hoeft toch ook geen knalrode knop te zijn.”
Ik probeer me te verplaatsen in de maker van het spel.
“Een kunstenaar kan er toch juist iets moois van maken?”
Dat hij er een prachtige knop van maakt, linksbovenin beeld.
“Ja!”
Volgens mij wil de kunstenaar gewoon niet dat er getornd wordt aan zijn creatie.
“Als je je op de markt richt, moet je altijd binnen kaders werken. Als producent heb je toch ook de beperking dat je aan een bepaalde rechthoekige vorm vastzit, omdat dat nu eenmaal de maat van het scherm is. Dan kun je wel een scherm van zes bij zes willen, maar dan kan gewoon niemand ernaar kijken.”
Maar toch: je loopt door een museum, je ziet tieten en dan druk je op een knop om te klagen: ‘Wat een schokkend schilderij.’
“Ik begrijp dat je dit idee op twee manieren kunt uitleggen. Je zegt: ‘Goh, er zit wel wat in’, of je legt er een vergrootglas op en zegt: ‘Wat belachelijk!’
Maar het is volledig vrijwillig. Het is geen verplichting. De partijen die ermee van doen hebben, hebben allemaal gezegd dat ze het willen en dat ze het als een toegevoegde waarde zien. Ik probeer gewoon, ook als ouder van kinderen die games spelen, praktisch te kijken naar oplossingen. En ik begrijp ook wel dat ik mijn zoon van zestien er niet van kan weerhouden om, als ik niet thuis ben, spelletjes te spelen.”
Lees ook de reactie van de gameindustrie, bij monde van Wouter Rutten van de NVPI.
