“Gamers zijn minder vaak slachtoffer in hun dromen”



Een uitgebreidere versie van dit interview is te lezen in de KijK (#9/2010)

Bijna iedereen droomt. Elke nacht. Psycholoog Jayne Gackenbach is bijzonder geïnteresseerd in dit verschijnsel, en besloot dertig jaar geleden haar dissertatie over lucide dromen (dromen waarin je weet dat je aan het dromen bent - red.) te schrijven. Jaren later stak een nieuwe fascinatie de kop op, aangewakkerd door de aanschaf van een Nintendo voor haar zoontje. Vanaf dat moment richtte ze haar onderzoek steeds meer op de relatie tussen dromen en het spelen van games – onontgonnen gebied. Een gesprek over droomonderzoek, gamers, oorlogsveteranen en nachtmerries.

Jesse: Waarom was u zo gefascineerd door uw gamende zoontje?
Jayne: “Vooral zijn passie voor het gamen intrigeerde me. Ik wist er niets van, dus ik besloot de wetenschappelijke literatuur er eens op na te slaan. Een opvallende conclusie was dat gamers beter ruimtelijk vermogen en inzicht hadden. Ze kunnen bijvoorbeeld sneller de weg uit het bos vinden of een complexe motor visualiseren. Deze constatering kwam overeen met de vondsten in mijn onderzoek naar lucide dromen, dus ik vroeg me of gamers ook lucide dromen.”

Uw stelt dat de Westerse cultuur dromen als een ‘onbelangrijk aspect in het leven van de geest’ ziet.
“Het zijn niet alleen dromen. In het westen wordt de gehele innerlijke wereld – hypnose, verbeelding, dromen, fantasie, en andere staten van bewustzijn – gezien als onbelangrijk, oppervlakkig. In de westerse wereld kunnen we mensen heel goed analyseren, structuren om ze heen bouwen, en we zoeken troost bij die kennis. Maar we missen de innerlijke kant. Ik zeg niet dat we er helemaal geen aandacht aan besteden, maar het wordt niet zo gewaardeerd als in collectivistische samenlevingen zoals in Azië, Zuid-Amerika of Afrika. De nadruk ligt daar anders en ze staan er meer open voor.”

Een van de overeenkomsten tussen games en dromen is volgens u dat beiden een simulatie van de wereld zijn. Kun je hetzelfde niet zeggen van boeken en films?
“In zeker zin wel, maar dit gaat alleen op voor mensen die zeer gevoelig zijn voor hypnose, en heel erg open staan voor verbeelding en fantasie. Feitelijk is dat maar een klein deel van de bevolking. Games en virtuele werelden spreken meer zintuigen aan, in het bijzonder visueel en auditief. Je bent letterlijk bezig met de wereld om je heen. Jij hebt een impact op de omgeving, en vice versa. Het is een veel actievere relatie, waarbij geven en nemen centraal staan. Het mooie aan games is bovendien dat het een toegankelijke en geaccepteerde vorm van virtual reality is.

Bio

In 1978 promoveerde Jayne Gackenbach (64) op het gebied van experimentele psychologie aan de Virginia Commonwealth University. Ze heeft meer dan zeventig publicaties en zeventien hoofdstukken in verscheidene boeken op haar naam staan, vrijwel allemaal op het gebied van dromen. Control Your Dreams uit 1989 is haar eerste boek. Daarnaast is ze ex-president van de International Association for the Study of Dreams. Nu geeft ze les aan de Grant McEwan University in Canada en doet ze onderzoek naar de relatie tussen videogames en dromen.

Als je een boek leest denk je er wel over, je bespreekt het met anderen en misschien raak je ontroerd, maar je verandert niets aan het verhaal. Je hebt er geen invloed op. Je bent ook niet in staat om letterlijk te zien wat er gebeurt. Je verbeeldt het je, zeker, maar slechts een klein percentage van de mensen is in staat om dat te doen op een manier zoals games het presenteren. De toegankelijkheid van deze technologische virtuele werelden is volgens mij een van de redenen achter de populariteit van games.”

Een van de conclusies uit uw onderzoek luidt dat er een link bestaat tussen agressieve thema’s in dromen en het spelen van games.
[Lacht] “Als je de hele dag first-person shooters aan het spelen bent, is het niet zo verrassend dat je droomt over het afslaan van aanvallers. Er zijn echter een paar dingen opvallend aan deze constatering. Ten eerste lijkt het erop dat gamers minder agressief getinte dromen hebben dan de gemiddelde mens, maar áls ze een agressieve droom hebben, is het gelijk zéér agressief. Daarnaast lijken ze minder vaak een slachtoffer te zijn in hun dromen en hebben ze meer controle over wat er gebeurt.

Een typische droom van veel mensen is een nachtmerrie: er is een onverwachte bedreiging, je kunt niet onstnappen, bent doodsbang en wordt vervolgens met een kloppend hart wakker. Gamers pakken de bedreiging aan en vechten terug. Omdat ze het terugvechten overdag zo vaak gerepeteerd hebben, wordt het ook tijdens de droom een automatische reactie.

Ik ontving laatst een brief van een gamende soldaat. Hij schreef dat hij zich altijd al had afgevraagd waarom anderen zo weinig plezier hadden tijdens hun nachtmerries. Zijn opmerking beschrijft de essentie van die neiging om terug te vechten.”

Als er een relatie is tussen agressieve games en dromen, bestaat deze dan ook tussen vrolijke, vredige games?
“Uiteindelijk beïnvloedt alles wat je doet je dromen. Dromen selecteren activiteiten uit ons dagelijks leven. Ik verwacht dan ook dat een fervente Wii Fit-speler in zijn dromen vergelijkbare activiteiten tegen zal komen.”

Een andere conclusie is dat gamers meer controle hebben over hun dromen en vaker lucide dromen. Ze lijken echter alleen zichzelf te kunnen controleren, en niet de wereld om zich heen.
“Het controleren van de omgeving gebeurt wel, maar is ongebruikelijk. Niet alleen bij gamers, maar ook in het algemeen. Als je het hebt over controle binnen een droom, is het controleren van je eigen lichaam het makkelijkst. Dit geldt ook voor het dagelijks leven. Ik kan een papiertje oppakken, maar ik kan het niet laten zweven. In games heb je meer controle, maar ook hier beperkt het zich vaak tot het spelpersonage.

Wat we in het onderzoek het meeste zien, is dat de droomwereld sterk verwant is aan de gamewereld. Dit gebeurt in meer dan de helft van de gevallen. Het is dan ook niet gek dat dezelfde beperkingen gelden als in de gamewereld. Nogmaals, het is niet onmogelijk dat er ook controle over de omgeving is, maar het is zeldzaam.”

Geïnspireerd door uw constatering dat gamers nachtmerries minder bedreigend vinden, bent u een nieuw onderzoek aan het opzetten onder veteranen die leiden aan posttraumatische stress-stoornissen (PTSS). Hoe kunnen games en dromen deze mensen helpen?
“De hypothese dat PTSS-slachtoffers baat hebben bij games is gebaseerd op onze resultaten, waaruit blijkt dat gamers minder nachtmerries hebben en plezier beleven aan de nachtmerries. Uit één onderzoek onder gamers en niet-gamers, bleek dat de gamers hele andere emoties waarnamen tijdens hun nachtmerrie. Emoties als blijdschap en seksuele opwinding.

Gamende militairen gezocht

In het interview kun je lezen over Jayne Gackenbachs onderzoek naar PTSS-verschijnselen onder veteranen. Ze is op zoek naar vrijwilligers voor dit onderzoek. Ben je ouder dan 18, game je en zit je in het leger, neem dan contact op met gackenbachj@macewan.ca.

Als je dit vertaalt naar de nachtmerries van PTSS-slachtoffers, is mijn verwachting dat veteranen minder in een slachtofferrol gedrukt worden tijdens hun nachtmerries. Nachtmerries zijn een van de meest uitgesproken symptomen van PTSS, soms zelfs zó erg dat mensen niet meer naar bed durven en het opnieuw meemaken, als traumatiserend ervaren. Zelfs als we de scherpe kantjes er af kunnen halen, zou het helpen bij het aanpassen aan de realiteit van het doormaken van een oorlog.”

Maar is het niet ironisch om getraumatiseerde veteranen bloot te stellen aan gewelddadige games?
“Dat is een logische vraag, en moeilijk te beantwoorden. Veteranen spelen zelfs oorlogsgames, vooral omdat hun leeftijdsgenoten dit ook doen. Games bieden wel een veilige omgeving. Het voelt bovendien alsof je de situatie onder controle hebt, in tegenstelling tot de werkelijkheid, waar je ware angst voelt als je buiten de basis stapt. Er is dan totaal geen gevoel van controle, wat erg beangstigend is.”

Illustratie: Mr. Pen.

7 reacties

  1. Eline Muijres · 3-11-2010 · 17.02 uur

    Wat een leuk onderwerp. :)
    Ik moet zeggen dat ik zelden nachtmerries heb en ‘vijanden’ in dromen vaak te slim af ben, dus in die zin zou het wel kloppen.
    Misschien toch even de Kijk meepakken, ik wil hier wel meer over weten.

  2. Rick · 3-11-2010 · 17.32 uur

    Grappig onderwerp. Zoals Eline herken ik dit ook wel bij mezelf; nachtmerries geven, wanneer ze voorkomen, wel een beklemmend of beangstigend gevoel… maar meestal op een spannende manier ipv vervelend.

  3. Martijn van Best · 3-11-2010 · 17.42 uur

    Heel interessant idd. Zelf heb ik vaak dromen waarvan ik denk: eigenlijk zou ik die eng moeten vinden, maar ik vind ze alleen maar avontuurlijk. Is dat de gamer-spirit?

  4. Jurjen · 3-11-2010 · 18.20 uur

    Erg interessant artikel! Mooi om dit soort stukken op Bashers te kunnen lezen.

  5. Jos Bouman · 3-11-2010 · 22.49 uur

    Ik maak in mijn dromen vaak ook korte metten met buitenaardse wezens en ander schorriemorrie, leuk dus die bevestiging. Maar ook wel een beetje jammer, blijkbaar ben ik niet per se van nature zo’n held :-).

  6. Zhero · 3-11-2010 · 23.31 uur

    Leuk artikel, had hem al gelezen in de Kijk in de wachtkamer in het ziekenhuis ;)

  7. Joe van Burik · 4-11-2010 · 19.51 uur

    Erg herkenbaar, dit verhaal. Vooral de laatste jaren merk ik dat ik vaak invloed kan uitoefenen in m’n eigen dromen. Meestal op een ‘The Force’-achtige manier. Objecten op afstand laten bewegen (of tegenhouden), heel hoog springen en uiteraard heel erg snel bewegen. Dat soort dingen.

    Top interview, Jesse!

Volg de reacties op deze post via RSS

Plaats een reactie

Registreer je als vaste gebruiker. Heb je dit al eens gedaan, log dan in.

Hou de discussie menselijk en inhoudelijk. Reageer bij voorkeur onder je echte naam, met je foto als avatar (via Gravatar).

Toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>