Harry Hol nog één keer over reviews



De afgelopen week discussieerden David Nieborg en Niels ‘t Hooft (en talloze bezoekers met hen) over gamereviews. Harry Hol doet voor één keer ook mee. Hij heeft het laatste woord. Lees eerst deel 1, deel 2, deel 3 en deel 4.

Too Human

Om te beginnen: Niels stelde voor dat ik zou komen met wat last words zoals Jerry Springer. Hmm… Weet niet of ik sta te wachten op drie transseksuele lesbische lilliputters die elkaar met stoelen te lijf gaan, terwijl het publiek “Harry! Harry!” scandeert. Aan de andere kant: hell yeah.

Maar goed. Ik heb de discussie doorgelezen en vind dat er een heleboel zinnige dingen worden gezegd, maar een aantal punten mis ik (of ben ik het niet helemaal mee eens).

Om te beginnen startte mijn discussie met Niels met Too Human. Inderdaad was ik verbaasd over zijn oordeel op basis van de demo. Ik wil dat er even uitlichten voor ik op andere punten in ga, over hoe lang je een spel moet spelen voor je een oordeel kunt vellen.

Ik blijf van mening dat een demo iets anders is dan het uiteindelijke product. Het is zoiets als de trailer van de film of de blurb op de achterkant van een boek. Op basis daarvan kun je hooguit een verwachting uitspreken over een product, niet een eindoordeel.

Je kunt overigens wel degelijk iets zinnigs zeggen op basis van een demo. Het is ten slotte iets dat door de developers de wereld is ingestuurd om mensen over te halen het eindproduct te kopen. Dus het is niet zo gek om een demo te beoordelen en te schrijven over je ervaringen, zo lang het maar duidelijk is dat wat je schrijft betrekking heeft op de demo.

Inmiddels is de discussie hier verbreed naar een aantal erg interessante punten:

1. Schrijven voor een mainstreampubliek in mainstreampers.
2. Hoeveel tijd moet je gespeeld hebben voor je een oordeel kunt vellen?
3. Op basis waarvan beoordeel je een game?

Punt voor punt dan maar…

1. De mainstream

Ikzelf schrijf zowel voor specialistische pers (Control) als voor mainstream (alle huis-aan-huisbladen van Wegener in Nederland). Als ik me even tot dat laatste beperk, dan zit ik in hetzelfde schuitje als Niels. Ik kan per recensie niet meer dan 150 woorden gebruiken, al schrijf ik er dan wel drie per week.

Net zoals Niels is het mijn doel om niet-gamers te informeren over games. Ik stel me voor dat ik schrijf voor ouders van pubers die bij Free Record of Intertoys een spelletje voor hun koters aanschaffen. Wat moeten zij weten over het spel? Zit er veel geweld in? Wat doe je precies in het spel? Moet je Engels beheersen? Ik probeer typisch gamerjargon te vermijden. Dus niet “multiplayer” maar “spelen tegen anderen”. Niet “een XBLA-game” maar “een spel dat alleen te downloaden is”. Geen “FPS” maar “een spel waarin je door de ogen van de held kijkt”. Dit maakt het budget van 150 woorden overigens nog krapper, en ik heb nog geen goede omschrijving gevonden voor een Massively Multiplayer Online Roleplaying Game. Suggesties?

Anyway…

2. Speeltijd

Dat ik drie recensies per week schrijf, betekent natuurlijk ook dat ik spellen zelden uitspeel (ironisch genoeg heb ik van Too Human wel het eindfilmpje bereikt, maar dat terzijde). Wie mijn gamertag bekijkt, ziet dan ook een enorme lijst (meer dan 160 gespeelde games), maar zelden meer dan 100 gamerscore.

Nu moet ik zeggen dat het niet direct een economische overweging voor me is om niet die drie keer veertig uur per week te spelen. Ik recenseer namelijk niet alleen voor het geld. Ik recenseer omdat ik van het medium houd, maar ook omdat ik de tijd die ik er in steek zie als een investering, die zich dubbel en dwars terugbetaalt door de andere artikelen die ik kan schrijven. Tijd die ik besteed aan MMO’s kan ik weer te gelde maken in een artikel over het onderwerp. Een artikel dat ik alleen kan schrijven door de opgedane kennis en ervaring.

Als ik een 1-op-1-berekening zou maken van wat ik verdien met mijn wekelijkse rubriek en de tijd die ik er in steek, dan slaat dat financieel uiteraard nergens op.

Ik moet in beperkte tijd dus proberen iets zinnigs over een game te zeggen, tegen mensen die er lang niet zo diep in zitten als ik. Hoe doe je dat?

En dat brengt me vanzelf op het laatste, meest complexe punt:

3. Criteria

Waar ik in mijn rubriek naar kijk is het gevoel dat ik van een spel krijg, met één criterium in mijn hoofd: “Als ik hier 60 euro voor zou hebben betaald, zou ik me dan bekocht voelen?” Misschien moet ik dit even verder uitleggen.

Er was een tijd dat ook ik voor ieder spel moest betalen. Er staat dan ook een flinke collectie in mijn kast, en af en toe schrik ik ervan hoeveel geld ik in de loop der jaren in mijn hobby heb gestoken. En hoewel ik mij altijd van tevoren goed informeerde via reviews in tijdschriften en (later) internet, zijn er nog steeds spellen die me vies tegenvielen. (Alundra en Vagrant Story komen nu bij me op). Dat gevoel van teleurstelling wil ik bij anderen voorkomen.

Nu kom ik echter op een heel belangrijk probleem bij recenseren.

Want: hoe goed ik het me ook probeer voor te stellen, ik heb de spellen niet zelf gekocht. Daardoor mis ik een zeer belangrijk element, namelijk de neiging om ‘waar voor mijn geld’ te krijgen. Die neiging zorgt er namelijk voor dat iemand die in eerste instantie teleurgesteld is, langer doorspeelt in de hoop dat het nog wat gaat worden. Toen ik Xenogears na veel moeite had geïmporteerd uit de VS en het spel eindelijk kon spelen, vond ik de eerste twee uur eigenlijk dodelijk saai. Ik zette uiteraard door en werd beloond met een van mijn favoriete RPG’s, waar ik meer dan 80 uur in heb gestoken.

Hoe houd je daar rekening mee in een reviewsituatie? Bij sommige games (vooral spellen die haast per definitie traag starten, zoals RPG’s) betekent het dat ik een keuze maak: ofwel niet recenseren, ofwel voldoende tijd in steken om te zien ‘of het nog wat wordt’.

Betekent dit dat ik iedere game het voordeel van de twijfel gun? Nee. Zoals ik al zei: ik heb meer te doen en ik houd teveel van mijn vriendin.

Er zijn heel wat spellen die na een paar uur (soms zelfs minder) laten zien wat ze waard zijn. Voor welke games dat precies geldt is voor discussie vatbaar. Persoonlijk was ik na drie, vier uur Burnout Paradise redelijk zeker van mijn oordeel. Bij Shrek hoefde ik niet het eindfilmpje te zien om te weten dat de camera afschuwelijk was en het spel speelde alsof het door drie dronken sharewaredevelopers in elkaar was gedraaid. Zoiets zie ik onder andere omdat ik zoveel spellen heb gespeeld, en dan zie je ook wat er klopt en wat niet op het vlak van besturing en techniek (beeld, geluid).

Eigenlijk wordt het pas echt lastig bij spellen waar besturing en techniek best in orde zijn, en de eerste paar uur best aardig. Wat schrijf je dan? Hoe ver moet je dan in de game zitten om tot een oordeel te komen? Ik moet bekennen dat dit lastig is, en dat ik dan eerder in de voorzichtige modus ga dan in die van ‘voordeel van de twijfel’. Een spel moet voor zestig euro namelijk meer bieden dan het ‘mwah’-gevoel.

Uiteindelijk heb ik overigens niet de illusie dat wij recensenten veel verschil maken. Zeker niet in de mainstreampers, maar ook de specialistische pers is lang niet zo machtig als wel eens wordt voorgespiegeld.

Want laten we eerlijk zijn: spellen worden niet verkocht op het moment dat ze in de winkel liggen. Ze worden ook niet verkocht op basis van recensies. Games worden verkocht vanaf het moment dat de uitgever zijn eerste aankondiging doet. Vanaf dat moment wordt druppelgewijs info verstrekt aan gretige pers die hiermee bladzijden en internetpagina’s vult. Gamers zien filmpjes, trailers en dev blogs. Gamejournalisten gaan op perstrips waar hen keurig op de pluspunten wordt gewezen en er het gentlemen’s agreement bestaat dat men niet al te negatief schrijft over het onvoltooide product. Het is immers nog niet áf.

Zo wordt de verkoop in de jaren na de eerste aankondiging voorgekookt, tot het moment dat de game in de winkel ligt en de meeste hardcore consumenten hun mening al hebben gevormd. En geen recensie die daar nog veel verandering in kan brengen. Want die journalisten zijn toch alleen maar fan van net die ándere console, en schrijven daarom alleen maar negatief, toch? Zie voorbeelden van deze logica op ieder willekeurig forum.

Het gevolg van deze structuur is dat ook gamejournalisten worden voorgekookt. Dit bedoel ik niet kwaadaardig, maar wij journalisten volgen al deze berichten, zien al die filmpjes, lezen al die dev blogs en spreken zelfs zelf met de devs, waardoor we tegen de tijd dat de game verschijnt al overvoerd (en dus beïnvloed) zijn. Soms pakt dat slecht uit: journalisten die boos zijn dat Spore of Fable of Too Human niet voldoen aan die torenhoge verwachtingen. Soms pakt dat gunstig uit: de journalist is ook verliefd geworden op het spel voordat het uitkomt en vergeeft zonden die hij een onbekende titel misschien niet had vergeven. Zie Halo 2.

Zelf kreeg ik onlangs de perskit van Mirror’s Edge binnen. Op het moment dat ik begon te spelen, had ik het gevoel alsof ik dat al een hele tijd had gedaan door alle filmpjes en trailers die ik had gezien. Het gevoel van een frisse nieuwe titel was voor mij dus al helemaal weg.

Met al die bagage wordt het extra lastig om een game te recenseren. Het voorafgaande in acht genomen zou de ideale recensie worden geschreven door iemand die helemaal niks van de game in kwestie weet en hem ook nog zelf moet betalen. Dat is pas ware eerlijkheid.

Dat kan dus niet. Niet bij een professionele recensie. Wij journalisten moeten dus zoeken naar manieren om iets zinnigs te zeggen over het product, en tegelijk al die bagage onderkennen. Weten dat je beïnvloed wordt door al die marketing is al heel wat. En weten dat een spel zelf kopen een ander effect heeft dan een spel krijgen is net zo belangrijk.

Zijn er dan absolute criteria waarop je al die games kunt beoordelen? Objectieve maatstaven waaraan we zowel Fallout 3 als Space Invaders kunnen meten? Ik geloof er geen klap van. Net zo min als de recensent van Zware Literatuur in staat is om iets zinnigs te zeggen over de nieuwe Dan Brown. Ieder genre vraagt om zijn eigen criteria en zijn eigen manieren van wegen.

Bij een Loot Game zoals Diablo of Too Human moet je lang genoeg gespeeld hebben om te weten of die ‘wortel aan een stokje’ van nieuwe uitrusting ook echt goed werkt. Bij een XBLA-shooter is het genoeg om te weten of je na het verliezen van je laatste leven automatisch een nieuw spel start. En bij een MMORPG is niet alleen het spel, maar ook de hele sfeer van de community van belang (wat de reden is waarom ik LOTRO prefereer boven WOW, maar ik dwaal af).

En wat doen we met spellen waar ik geen verstand van heb? Bijvoorbeeld vechtspellen? Ik merk het verschil niet tussen Soul Calibur en Tekken. Ik heb daar niet genoeg kennis voor. Net zoals ik geen verschil zie tussen cricket en honkbal, omdat ik bij beide na tien minuten in slaap val. Als het echter gaat om RPG’s of FPS-spellen, dan kan ik úren ouwehoeren over het verschil in ‘gevoel’ tussen Call of Duty 4 en Killzone 2. Het verschilt domweg per spel.

Datzelfde geldt voor verhalen in games (heb ik inmiddels een reeks artikelen over geschreven in Control. Ik wil niet teveel punten herhalen, ik hoop dat jullie dat blad lezen. Het is gratis voor journalisten). Hoe belangrijk zijn die verhalen? Maakt het in God of War écht uit waarom Kratos zo’n badass is? Serieus: who cares? In Gears of War kon het me ook écht niet schelen wat de zieleroerselen van Marcus Fenix waren. Ik vond maar één ding belangrijk: déze kettingzaag kan ik gebruiken op díe monsterkop. En toen Aerith dood ging in Final Fantasy VII, dacht je toen “Snik! Ze was zo lief!”? of dacht je “Damn, daar gaat mijn healer?” Nou eerlijk wezen!

Ja, als het verhaal goed is, dan voegt het iets toe. Maar als het verhaal de belangrijkste dragende kracht is van de game, dan is er iets mis. Hoe belangrijk dat element uiteindelijk is bij het eindoordeel is weer een heel persoonlijk iets. Ik denk niet dat je het einde van Fable 2 moet hebben gezien om te weten of het spel leuk is. In zoverre ben ik het met Niels eens dat de handeling in-game het belangrijkst is. Want als ik een goed verhaal wil ervaren is een game niet mijn eerste keuze. Boek, iemand?

Sorry jongens. Het is lang geworden. En ik geloofd dat die transseksuele lesbische lilliputters inmiddels door de zware jongens zijn afgevoerd. Dus onthoud: respect voor de ander is de hoeksteen van elk huwelijk.

Harry Hol, signing off.

8 reacties

  1. Niels ’t Hooft · 21-11-2008 · 16.31 uur

    Wat een enorme lap tekst, Harry! Terwijl David en ik ons net hadden voorgenomen om het beknopt te houden. Anyway, je maakt goede punten onder andere over het verschil in beleving als je games krijgt (überhaupt als je volwassen bent en een baan hebt, en games gevoelsmatig veel minder duur zijn), de promotiecyclus, en de verschillen in recenseren afhankelijk van het type game. En over demo’s natuurlijk.

    En het verschil tussen Soul Calibur en Tekken is heel makkelijk: zwaarden :-)

  2. Frederik · 23-11-2008 · 14.04 uur

    Mooie conclusie Harry! Ik sluit me trouwens volledig met het “60 euro criteria aan”. Dat is inderdaad niet altijd makkelijk om te hanteren. Veelal omdat iedere speler aan andere spelelementen belang hecht.

    Wat de macht van reviewers betreft. Ik denk dat dat voor een groot deel afhangt van de journalist in kwestie. Als die een geloofwaardige reputatie heeft dan kan dat een effect hebben. Veel van die geloofwaardigheid hangt van het medium af. Ik laat me niet leiden door artikels in kranten en ook zelden door wat ik op een obscure website lees, maar naar de mening van gespecialiseerde bladen en websites kijk ik wel. Indien het helemaal niets zou uitmaken dan deden publishers niet zo lastig bij een tegenvallende score, en werden er op fora niet zo’n vurige discussies gevoerd over de mening van een journalist.

    Verder is er ook een verschil naar titel. GTA IV had bij slechte scores ook goed verkocht. Ik denk dat het grootste effect van recensies bij de subtoppers en net-niet titels ligt. Daar is de twijfel voor de release het grootst en de mening van een ‘specialist’ dus meer van doorslaggevend belang. Het verschil tussen een 82 en een 90 voor Valkyria Chronicles is volgens mij veel ingrijpender op de verkoopcijfers dan de score van pakweg Fifa 09, niet?

  3. ErikJ · 23-11-2008 · 14.28 uur

    En toen Aerith dood ging in Final Fantasy VII, dacht je toen “Snik! Ze was zo lief!”? of dacht je “Damn, daar gaat mijn healer?” Nou eerlijk wezen!

    —-

    Die laatste :) :)

  4. Harry Hol · 24-11-2008 · 9.22 uur

    @Frederik,

    Dat dat per titel verschilt ben ik wel met je eens. Kijk maar eens naar al die filmbagger zoals Pirates of the Caribbean en Shrek. Altijd hoog in de top tien. Mensen gaan af op de naam die ze kennen. Of dat nu door de film PR is of de game PR.

    Overigens is het feit dat PR bedrijven moeilijk doen over een review score ook al een teken aan de wand. Een uitgever van boeken zou echt niet wegkomen met wat game PR bedrijven bij journalisten doen. Dus waarom proberen deze PR bedrijven dan moeilijk te doen over scores of negatief nieuws? Omdat het werkt en onderdeel is van de PR strategie op lange termijn.

    En wat je zegt over de net-niet titels: denk ik ook ja.

  5. Jeroen Bos · 24-11-2008 · 19.18 uur

    Tussen neus en lippen door laat Harry blijken totaal geen smaak te hebben, trouwens. Vagrant Story een teleurstelling? You’re so unworthy.

    Nah, ieder zijn ding hoor. ;-)

  6. Harry Hol · 24-11-2008 · 19.38 uur

    Vagrant Story was een teleurstelling door de verwachtingen die werden gewekt. Ik denk dat ik de game nu meer zal waarderen dan toen.

    Ik zal ‘em nog eens in de PS3 schuiven en kijken wat ik er nu van vind.

  7. Ronald · 25-11-2008 · 11.01 uur

    Uiteindelijk blijven reviews toch gewoon meningen van individuen en dus op zich staand nikszeggend. Als je echter geregeld reviews van dezelfde persoon leest en je inmiddels dus een duidelijk beeld van zijn/haar smaak hebt dan kan het zomaar veelzeggend worden.

    Als iemand die niet van RPGs houdt bij gebrek aan resources een review over FFVII moet schrijven kan je er donder op zeggen dat de score te laag uit gaat vallen. Ik ga er gemakshalve vanuit dat iedereen die reviews schrijft als kostwinning wel eens reviews moet schrijven over genres waar hij/zij zowiezo niks mee heeft.

    Omdat ik inmiddels nogal wat reviews in diverse media gelezen heb weet ik ook welke journalisten ongeveer dezelfde smaak hebben als ik, hun mening zal ik dan ook altijd zwaarder laten wegen.

  8. Jan M · 27-11-2008 · 15.28 uur

    Interessante discussie. Kan me bijna volledig vinden in HH’s redenering. Maar het is gewoon zo: hoe langer je een spel hebt gespeeld, hoe meer je erover kunt vertellen. Ik probeer ook altijd wat op forums rond te snuisteren, daar vind je veel dingen die gamers zelf opmerken, en die soms veel relevanter zijn dan bepaalde reviews. Kijk. Nog een trucje, als ik tijd heb: ik geef het spel door aan een vriend of m’n tien jaar jonger broertje (die een heel andere voorkeur heeft dan ik), en dan discussieren we erover. Maakt de reviews een pak minder eenzijdig.

Volg de reacties op deze post via RSS

Plaats een reactie

Registreer je als vaste gebruiker. Heb je dit al eens gedaan, log dan in.

Hou de discussie menselijk en inhoudelijk. Reageer bij voorkeur onder je echte naam, met je foto als avatar (via Gravatar).

Toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>