It’s Game in the Hilversum Museum



Robert August de Meijer op woensdag. Beeld: Paul Veer.

Vorig week had ik het over The Smithsonian en de expositie over computerspellen, die ik eerder een commerciële geschiedenis vond dan een collectie kunst. Deze keer is Hilversum Museum aan de buurt, die tot 1 juli een expositie heeft over de kunstzinnigheid van computerspellen: It’s Art in the Game.

Terwijl ik het eerste uur bijna duizelig werd van een gebrek aan schoonheid, begon ik daarna te begrijpen waarom de tentoonstelling voor mij zo’n ervaring was: het is enorm eerlijk tegenover de huidige experimentele status van het medium. Schoonheid in computerspellen is moeilijk te creëren.

De tentoonstelling biedt belangrijke vragen over hoe dit ooit bereikt kan worden.

Kunnen computerspellen meer dan puzzels zijn?

Het eerste wat je tegenkomt zijn prenten van M.C. Escher. Dit is een belangrijke stap voor de bezoeker om een idee te geven wat computerspellen tot nu toe vooral zijn geweest. Escher is niet mooi zoals de meeste (vooroorlogse) kunstwerken die in een museum hangen omdat het eerder ‘knap/rekenkundig/leuk’ is. Het prikkelt minder de ziel, maar vooral het denkvermogen van de toeschouwer. Computerspellen moeten het ook vooral hebben van hun intellectuele uitdagingen. De hoofdvraag van de tentoonstelling is: kunnen computerspellen meer zijn dan alleen leuke puzzels? De rest van de tentoonstelling is een dialoog met de bezoeker om daarover een oordeel te vellen.

Tot 1 juli. Be there, be square

Met je verstand kan je zoeken, met je hart zal je vinden

Elke getoond spel kreeg uitgebreid uitleg, vaak met televisie-interviews met de maker(s). Bovendien was de bovenverdieping gewijd aan het ontstaansproces van computerspellen. Het was maar al te duidelijk dat de tentoonstelling tegen de bezoekers zei: “Jullie denken dat games alleen maar spelletjes zijn, maar er zit veel meer achter hoor!” Dit vond ik dit een beetje vreemd: een kunstwerk zou eigenlijk voor zichzelf moeten spreken. Het probleem is dat computerspellen die zo mooi zijn als gebruikelijke kunstwerken zeer zeldzaam zijn. Dat neemt niet weg dat veel mensen momenteel hard proberen om dit redelijk nieuwe medium onder de knie te krijgen. Dat wordt duidelijk gemaakt en biedt interesse en hoop. Hier wordt weinig gevonden met het hart, maar er is veel te zoeken met het verstand.

Programma’s

Er stond ongeveer een dozijn spellen die je kon spelen. Styleclash was populair bij het publiek vanwege de mooie beelden. Ik betwijfel echter of het competitieve element iets toevoegt aan de schoonheid van het spel. Het is een uitstekend voorbeeld van hoe het magische van schoonheid niet botert met het rationele van intellectuele uitdagingen. Ik denk dat de meeste mensen het eerder mooi vonden als programma dan als spel. Dit kan ook gezegd worden van het populairste werk, Proun. Al is het makkelijk om op te pakken, viel het mij op dat de meeste bezoekers genoegen namen met het kijken naar hoe anderen speelden. Wanneer een game mensen niet nieuwsgierig maakt naar hoe het is om zelf te beleven, is dat voor mij een bewijs dat het als spel niet mooi genoeg is. Het is immers een simpel racespelletje. Ik had het over dit dilemma met de curator, Alan Boom, en hij gaf toe dat mooie interactiviteit zeldzaam was en eigenlijk alleen voorkwam in het spel Devil’s Tuning Fork (en spel waarbij je met geluid je omgeving kan zien). Maar zelfs dat vind ik alleen mooi als programma: het wordt een frustrerende ruimtelijke puzzel zodra je het doel hebt om het einde van het level te bereiken.

Kunst is het zeker, maar is het een spel?

En simulaties

Ook stonden er The Artist is Present en Jeff Koons Must Die. Deze vind ik leuk vanwege hun snijdend commentaar op postmoderne kunst. Helaas kan je hun speldoel niet serieus nemen en zijn zij beter als simulatie van hoe wij postmoderne kunst aanvaarden als bezoeker. Daarentegen, zonder zich voor te doen als een doelgericht spel, werkt het ironische commentaar niet. Het zijn een soort ‘niet-spellen’. Uiteindelijk vond ik Run, Damien, Run!!! het beste werk. Het is een kritiek op het belachelijke werk van Damien Hirst, en biedt ook een interessant inzicht aan het belang van de dood. Je speelt Hirst door je gezicht tegen een schedel aan te houden en door de ogen te kijken. Hij is in zijn eigen galerij en je kunt diamanten verzamelen. Het frappante is dat terwijl het op een typisch 8-bit spel lijkt, je niet kunt afgaan. Uiteindelijk raakt de speler verveeld en komt het besef dat de dood ook van belang is. Hierdoor krijgt For the Love of God toch een bepaalde waarde, al is het van ironische aard.

Maar geen spellen

Wat mij dus opviel was een gebrek aan spel in de kunstwerken die hier stonden. Misschien is dit omdat spellen een chronologie hebben die tijd nodig heeft. Musea zijn beter om werken te tonen die meteen een indruk geven; daarom kom je nauwelijks films of boeken tegen, maar in dit geval wel spellen die het moeten hebben van hun prachtige beelden. Ik ben er steeds meer van overtuigd dat spellen juist hun schoonheid te danken hebben aan verhaalelementen. Zij, immers, zijn een logische opeenvolging van (interactieve) gebeurtenissen. Zonder die opeenvolging weet ik niet hoe spellen mooi kunnen worden zonder (stiekem) een ander medium te gebruiken. FLX, wat er ook stond,  is in principe een spel, maar de kunstzinnige waarde zit in de surrealistische beelden. Het viel mij op dat nergens het woord ‘spel’ voorkwam in de tentoonstelling: het woord ‘game’ werd steeds gebruikt. Misschien wordt de term ‘game’ gebruikt voor alles wat je kunt besturen met een computer. Ik merk dat ik steeds meer zie dat computerpuzzels, actieve kunstwerken en interactieve storytelling weinig met elkaar te maken hebben behalve dat je abstracte input gebruikt. Ik vraag mij af hoe lang het duurt voordat men een onderscheiding vindt.

Het ziet eruit als kunst, maar het spelen zelf is zo kunstzinnig als het schoolplein

Computers are useless, they can only give answers

Ik verliet het museum met meer vragen dan antwoorden. Sommige mensen vinden dat de meetpaal van kunst. Picasso heeft het in ieder geval dus verkeerd: computers kunnen ook vraagtekens bieden. Het medium staat nog duidelijk in haar kinderschoentjes, en dat toont de expositie. Het prikkelt de nieuwsgierigheid wat er ooit van het medium gaat worden. Ik zal iedereen die dit leest aanraden om een bezoek te maken. Ik vond daar geen schoonheid,  maar ik vond daar wel een boel nieuwe inzichten. Boom vertelde mij dat hij het een uitdaging vond om een tentoonstelling te maken die beide werelden tevreden zou stellen. Ik moet hem gelijk geven dat het moeilijk is: of je stelt de gamers teleur, of de kunstliefhebbers. Boom heeft een expositie gemaakt voor iedereen die nieuwsgierig ingesteld is. Dat is de juiste keuze geweest.

7 reacties

  1. Ruben Meintema · 18-4-2012 · 12.50 uur

    Goede bespreking! Heb de tentoonstelling nog niet gezien, maar wat je zegt is waar: het begrip ‘game’ wordt opgerekt tot alles wat je met de computer kunt bedienen. (Nespresso: koffie kan een spel zijn. haha!)

    Wat zijn spellen? Wat is kunst? Lastige vragen, dus lastige klus voor de curator.

    Over de speelduur: het nieuwe Filmmuseum heeft ook een onderscheid gemaakt tussen een selectie van belangrijke of interessante films afspelen, en een expositieruimte. In die expositieruimte kun je fragmenten en loops aanschouwen zoals een schilderij. Je kunt er langs lopen, de beschrijving erbij lezen, er iets over denken, en doorlopen.

    Deze expositie in Hilversum is waarschijnlijk net zoals die in het filmmuseum, en daar zijn musea ook voor.

  2. Wesley · 18-4-2012 · 13.09 uur

    Laat ik beginnen te zeggen dat ik geen kunstkenner ben maar wel kan genieten van een mooi schilderij of mooie muziek.

    wat mij opviel is deze zin:

    “Dit vond ik dit een beetje vreemd: een kunstwerk zou eigenlijk voor zichzelf moeten spreken.”

    Laat ik nu juist het idee hebben dat tegenwoordig kunst vooral is “wie kan het meest bizarre bedenken en daar een goede salespitch bij afsteken?”

    Als ik zie wat heden ten dage als kunst wordt bestempeld dan kan ik daar alleen maar tranen in mijn ogen van krijgen.

    Het insmeren van een vloer met pindakaas lijkt mij een volstrekt overbodige bezigheid en zeker geen kunst. http://www.frankzweegersart.com/wp-content/uploads/2011/01/frank-zweegers-art-blog-schippers-pindakaas-vloer.jpg

    Kijken naar een pianist die 4 minuut zoveel achter een piano zit zonder een toets aan te raken en het vervolgens met een stalen gezicht omschrijven als “een compositie” is om je te bescheuren. http://www.youtube.com/watch?v=7KXaylNMJMs (vanaf 6:40 ongeveer)

    Een hond uithongeren en vervolgens compleet uitgemergeld in een museum zetten is gewoon dierenmishandeling en zeker geen kunst
    http://www.theginblog.com/wp-content/uploads/2007/10/dog3.JPG

    En zo kan ik nog wel even doorgaan. Het lijkt me duidelijk dat wat tegenwoordig voor kunst versleten wordt helemaal niet voor zichzelf spreekt.

  3. Melanie · 18-4-2012 · 17.39 uur

    Het is Jeff Koons met de K van Kunst.
    :P
    Deze expositie ga ik zeker bekijken. Jouw omschrijving en voorbeelden maken mij nieuwsgierig.
    Na het verlaten van een expositie met vragen wekt een nieuw perspectief in het denken en kijken naar kunst. Ik hoop dat ik ook weer een nieuwe kijk op gamekunst ontwikkel.

  4. Gunstar · 18-4-2012 · 17.47 uur

    Haha, geniaal Wesley, wat een onzin allemaal. :P

    Als je het zo bekijkt is het opzienbarend dat er mensen zijn die uberhaupt willen dat games met kunst geassocieerd gaan worden.

  5. Bas Lievens · 18-4-2012 · 21.28 uur

    Beste Robert.

    Wij spraken elkaar toevallig tijdens de opening van deze expositie. We hadden een boeiende conversatie, maar ik moet helaas betogen dat ik het niet helemaal met je eens ben. Je vertelde mij dat je het grijze gebied tussen kunst en digitale games interessant vindt. Vanuit jou interesse vroeg je mij wat ik van de tentoonstelling, of in het bijzonder, van de games vond. Mijn reactie riep, zoals de tentoonstelling, wellicht meer vragen bij je op dan antwoorden. Wellicht stelde je mij, eveneens als in je artikel, niet de juiste vragen (iets met appels en peren). Jij zoekt een raakvlak tussen kunst en digitale games en vertelde me dat games in jou ogen pas echt kunst zijn als ze een ‘divine moment’ belichamen die de zintuiglijke waarneming overstijgt. Wat me opvalt in een dergelijke benadering is dat hoe dan ook, waarnemen altijd subjectief is, getuigen ook woorden in je artikel als: ‘gebrek aan schoonheid’, ‘ prikkelen van de ziel’, ‘schoonheid’, ‘mooi zijn’ en ‘vinden met je hart.’ Ik denk dat ieder object meer is dan haar fysieke verschijning. Echte schoonheid zit van binnen. Het idee achter een object is het grootste goed en hoe dat gestalte krijgt in de OmhoogOmlaag of de FLX doet er dan niet meer zoveel toe. Kunst is leren kijken. Leren kijken achter het object. Met die wijsheid in acht, heb ik me meer dan vermaakt op “It’s Art in the Game”, een expositie die een grijs gebied op een interessante manier inkleurt.

  6. Robert August de Meijer · 20-4-2012 · 18.03 uur

    Misschien heb je gelijk Bas, dat mijn subjectieve waarneming van de kunstwerken in Hilversum niet ‘geleerd’ genoeg was om de schoonheid ervan in te zien.
    Wat vind jij mooi dan aan de spelelementen van Proun, FLX, StyleClash en zo? Ik zie zelf alleen maar simpele puzzels verpakt in bijzondere beelden.

  7. Bas Lievens · 25-4-2012 · 22.36 uur

    wat ik ‘mooi’ vindt is misschien niet eens zo interessant. Maar als je het toch wilt weten. Ik vond de gezamenlijke avatar in FLX cool, zeker aangezien ik veel FPS speel.Kijken achter het object is dan het ervaren van een nieuwe gameplay. Dit soort tentoonstellingen bieden dan ook de ruimte om nieuwe ervaringen op te doen; en dat is nu precies waar game developers in moeten excelleren : uitnodigen tot spel(en).

    Hoe dan ook, ik bewonder je pogingen om games vanuit een ‘kunstzinnig’ licht te benaderen. In zekere zin doe je precies hetzelfde als Alan Boom. En laten we eerlijk wezen; elke tentoonstelling die leidt tot discussie is in mijn optiek geslaagd.

Volg de reacties op deze post via RSS

Plaats een reactie

Registreer je als vaste gebruiker. Heb je dit al eens gedaan, log dan in.

Hou de discussie menselijk en inhoudelijk. Reageer bij voorkeur onder je echte naam, met je foto als avatar (via Gravatar).

Toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>