
Sinds donderdag draait hij in een vijftal steden: Beyond the Game, een documentaire van Jos de Putter over het fenomeen cybersport. De regisseur volgt twee Warcraft III-spelers in de aanloop naar de World Cyber Games. Nick Kivits (die sprak met De Putter en een van de hoofdrolspelers, Manuel ‘Grubby’ Schenkhuizen) en ik bekeken de film. Bij deze laten we weten wat we ervan vinden. Een tipje van de sluier: hij had beter gekund.
Nick Kivits over Beyond the Game
Allereerst: Beyond the Game is een interessante documentaire en ik heb er met plezier naar gekeken. De film laat heel goed zien waarom de jongens strijden. Ze willen de beste zijn in wat ze doen. En daar geven ze heel veel voor op. Vooral Sky. Hij loopt thuis weg omdat hij wil gamen en de beste wil zijn en heeft ook zijn vriendin meer dan duidelijk gemaakt dat gamen toch eigenlijk wel op de eerste plaats komt.
Het waarom is er wel, maar het hoe mis ik heel erg. Hoe ziet de game eruit? Wat doen ze er? Nu ken ik Warcraft III zelf wel, maar de leek niet. Die weet niet waar de game om draait. Het enige wat de leek nu na het zien van de film weet is dat het een strategische game is. Verder zien we als kijker alleen vingers die heel snel over toetsenborden schieten, nog sneller muisgeklik en ogen die meer dan normaal geconcentreerd naar een scherm kijken.
Het is ook moeilijk om een game goed weer te geven in een film. Maar dat het kan is meer dan eens bewezen, vooral in speelfilms. In de film War Games bijvoorbeeld: een speler op zijn rug gefilmd, terwijl je op het scherm ziet wat er aan de hand is. Nou is Warcraft inderdaad ingewikkelder om uit te leggen. Dat moet je ook helemaal niet willen. Maar een sfeerbeeld was niet overbodig geweest.
Dat het kan, bewijst ook BenX. Door af te wisselen tussen de filmbeelden en de gamebeelden, zorgt die film juist voor iets unieks. Dat had in Beyond the Game ook toegepast kunnen worden. Hele wedstrijden is too much, maar ik zat echt te snakken naar gamebeelden op de momenten dat de hoofdrolspelers een spannende wedstrijd wonnen. Fier juichend, armen in de lucht, een enorme glimlach op het gezicht. Maar waarom? Als kijker zie je het niet. Wat beelden van de laatste grote slagveldseconden, waarin óf Grubby óf Sky de basis van de tegenstander met de grond gelijk walst. Dat was een enorme toevoeging geweest.
Niels ’t Hooft over Beyond the Game
Beyond the Game bevat een aantal sprekende scènes. Sky die een traantje wegpinkt als hij naast de beker grijpt, Grubby’s moeder die boterhammen smeert voor haar zoon en ze in een plastic boterhamzakje stopt. Als je de mooiste beelden van deze documentaire naast elkaar zet, lijkt hij te gaan over jongens die het babyvet amper zijn ontgroeid en tegelijk in de nieuwe, onbegrijpelijke wereld van competitief games spelen zijn gezogen.
Onbegrijpelijk, ja, want deze film toont de visie van een oude man die zijn best doet om te snappen waar die jongens mee bezig zijn, maar die het uiteindelijk toch niet begrijpt. De stijl van De Putter is observerend en in theorie bedoeld om de kijker zijn eigen conclusie te laten trekken. Maar daarvoor is een volledig beeld nodig, zeker bij een complex fenomeen als dit, en uit de details blijkt dat de regisseur dit niet kan geven.
Zo meldt de intro dat tien miljoen mensen Warcraft spelen. Ja, World of Warcraft, maar Sky, Grubby en Madfrog spelen Warcraft III. Iets heel anders. En als Sky van Grubby wint, zie je een Hero omvallen, in plaats van een basis verwoest worden. De paar gamebeelden die in de film zitten, zijn gebruikt als flitsende aankleding in plaats van als de substantie waar het de spelers en de fans om draait. Alsof je het winnende doelpunt in het wereldkampioenschap voetbal illustreert met een willekeurig shot van een kopbal.
Wat niet helpt is dat Grubby het spel dat hij al jaren vrijwel dagelijks speelt, niet lijkt te kunnen uitleggen. In de film niet en vorige week bij De wereld draait door ook al niet. Maar hoe moeilijk is het om de gameplay van een realtime-strategiegame te schetsen? 1) Natuurlijke bronnen delven, 2) daarmee basissen opbouwen, 3) daarmee legers trainen en 4) daarmee je vijand verslaan. En dat dan sneller en slimmer dan je tegenstander.
Coen van Zwol noemde de film in NRC Handelsblad “een losse schets van een subcultuur”. Meer is het echt niet. En dat is jammer, want met net iets meer info (antwoord op vragen als: hoe werkt dat spel nou? Hoe groot is het fenomeen cybersport? Hoeveel geld gaat erin om? Hoe is het ontstaan? Zijn er veel fans die lange reizen maken om Grubby te zien spelen? Zijn er mensen die ervan kunnen leven? Waarom is Warcraft III geschikt als cybersport en welke andere games worden op hoog niveau gespeeld? Waar spelen al de wedstrijden waar we glimpen van zien zich nou eigenlijk af?) was het een razend interessante documentaire geweest.
