![]()
Stefan Popa op zondag.
Beeld: Paul Veer.
Tweeduizendvijftig kilometer van hier ligt mijn oma. In het ziekenhuis. Haar hart heeft er niet zoveel zin meer in. Misschien omdat ze drie keer zwaarder is dan de gemiddelde senior. Ik vind het wel wat hebben, zo’n forse grootmoeder. Ze is drie maal toffer, leuker en gekker dan alle andere oma’s… bij elkaar.
Mijn oma houdt van videospelletjes. Wanneer ze bij ons kwam logeren, versleepte ik mijn NES naar haar logeerkamer en blies ik Dr. Mario op het scherm. De scherpe punten van de controller prikten in dezelfde dikke knuisten die mijn slapen masseerden na een vermoeiende schooldag. Ze wees me haar lade met snoepjes aan. Groene mint. Ik hield er niet van, maar mijn oma vond het leuk als ik at. Dus ik at, terwijl zij vallende pillen op kleur sorteerde.
Tetris
Ze was er niet slecht in. Voor een oudje was ze zelfs behoorlijk goed. Van platformgames wilde ze niets weten. Er bestond maar één genre voor haar – edoch ze Duck Hunt amusant vond, met het oranje pistool tegen het beeld gedrukt. Puzzelgames. Haar absolute favoriet: Tetris. Bij ons thuis speelde ze altijd de NES-editie die ik haar voorschotelde, maar tweeduizendvijftig kilometer verderop had ze een verzameling van Tetris-apparaatjes. Leesbril op haar neus, Tetris op haar buik.
Zo zat ze. Ik wilde haar een NES sturen met Dr. Mario, Tetris en het voor haar nieuwe Yoshi’s Cookie en Wario’s Woods. Dan hoefde ze niet steeds te zoeken naar haar leesbril – ze heeft mijn oude breedbeeldtelevisie. Vier jaar geleden postvatte dat idee in mijn hoofd. Vergeetachtigheid en (pas op, zelfreflectie) luiigheid zorgden ervoor dat mijn oma nooit haar Nintendo gekregen heeft. Ze speelde Tetris in haar knuistjes.
Mintkussentjes
Misschien is het te laat. Ik had iets langer op Ebay moeten rondstruinen. Mijn oma is een taaie, met haar gewicht had ze al twintig jaar dood kunnen zijn, maar haar hart heeft het wel een beetje gehad. Zou ze nu er aan Dr. Mario denken, terwijl dokter Marius of dokter Claudiu haar medicijnen toedient?
Het zou wel iets voor haar zijn. Ik hoop dat ze snel afscheid mag nemen van de doktoren. Dan stuur ik een postbode met een pakket op een reis van tweeduizendvijftig kilometer. Een NES incluis de beste puzzelgames. Beter nog: ik breng het haar zelf. Ik neem een snoepzak met mintkussentjes voor haar mee. En ik zal ze eten. Met liefdevolle tegenzin.
