Proteus is té abstract



Robert August de Meijer op woensdag. Beeld: Paul Veer.

Het ‘spel’ Proteus intrigeerde mij omdat het mijn ‘zes zondes’ wist te vermijden: geen tutorial, geen cut-scenes, geen laadtijden, geen verplicht geweld, geen lastige besturing en geen pretentieuze bullshit. Zulke spellen geef ik altijd een kans, vol hoop dat ik ervan zal genieten, in tegenstelling tot de meeste spellen. Maar Proteus laat te veel weg: het heeft te weinig te vertellen.

Ik heb het drie keer een tijdje gespeeld en de hele tijd gezocht naar iets dat mij prikkelde. Het mooiste dat ik vond, waren herinneringen aan andere spellen.

Dit plaatje toont al de helft van wat het spel te bieden heeft aan ervaringen.

Een abstracte wereld

Ik moest al gauw denken aan dit essay van Fred Ross: ik ben ook geen liefhebber van abstracte kunst. Mensen die mijn columns vaker lezen, weten dat ik aanhanger ben van Immanuel Kant, en vind dat een medium gericht moet zijn op wat het goed kan. En inderdaad, ik ben ook een liefhebber van Clement Greenberg. Ik ben het alleen niet eens met zijn ophemeling van abstracte kunst. Ik word echt niet warm van Jackson Pollock. Ja, ik kijk er graag naar, maar het raakt mij niet. Ik vind een kunstwerk vooral mooi wanneer het over iets gaat, in plaats van alleen maar de vorm. Doe mij maar Shakespeare in plaats van Beckett. Proteus voelt voor mij als een abstract schilderij waar ik over kan wandelen. Het is een prettige ervaring. Maar ook een flauwe, vanwege alle teleurstellingen: het spel programma is zeer uitnodigend maar net zo leeg.

Een eigen wereld

Er zijn genoeg spellen die doen wat Proteus probeert, maar dan beter. Ik vroeg mij af hoe het komt dat ik die mooier vind. Ik dacht ten eerste aan Stunts, waar ik met plezier in abstracte omgevingen doelloos kon rondrijden. De reden is natuurlijk dat de wegen, bomen en gebouwen die ik in Stunts bouwde een symbolische betekenis voor mij hadden. Een persoonlijke, want een level dat door iemand anders werd gemaakt, deed mij veel minder. De kans om rond te rijden in mijn dorpje prikkelde mijn fantasie. Proteus heeft kastelen, en die zouden mooier moeten zijn dan de grijze flats van Stunts. Toch vond ik die lelijke moderne betonnen blokken mooier, omdat ze een deel waren van mijn betekenisrijke fictiewereld. De kastelen van Proteus zijn niets anders dan pixels die mij voor de gek houden.

Hoe kan ik zo'n lelijke plek zo missen?

Een sublieme wereld

The Elder Scrolls III vond ik een kutspel. Toch hing ik op mijn kamer de kaart van Morrowind die in het doosje zat. Als fictieve wereld is het zeer geslaagd. Tussen al die onduidelijke quests en onmogelijke vijanden vond ik plekken waar ik graag aan terugdacht wanneer ik naar mijn kaart keek. Ik voelde zelfs een gemis bij elk stukje land waar ik nooit ben gekomen (ik had het geduld niet om sterker te worden in het spel, dus ik heb maar ongeveer de helft gezien). Die wereld druipt van persoonlijkheid; het is een organisch geheel dat anders voelt dan andere fantasiewerelden. Op eerste gezicht is het een lelijke wereld: grauw, vies, droevig. Maar als je lang genoeg kijkt, zie je dat de wereld in harmonie leeft. Waar dat niet het geval is, is er hoop dat iemand daarvoor gaat zorgen. Proteus daarentegen, is Candyland: een verzameling van bomen, heuvels en kikkers die niets meer dan abstracties zijn van wat leuke dingen uit het echte leven. Het is allemaal een beetje nep. De wereld van Proteus is prettig om naar te kijken, maar alles wat daar leeft is zo dood als een formule.

Een mooie wereld

Ik hoef eigenlijk niet uitgebreid te vertellen waarom ik Azeroth zo mooi vind. Iedereen die daar een tijd heeft geleefd denkt er  met plezier aan terug. Dat geldt voor de meeste plaatsen waar mensen hun ziel delen. Zelfs een datacenter wordt mooi wanneer mensen daar samen virtueel leven. Denk bijvoorbeeld aan Westfall: een plek waar verhalen worden gecreëerd die gedragen worden in de harten van miljoenen spelers. Proteus, daarentegen, is een eenzame plaats. Eigenlijk is het een gevangenis van pastelkleuren. De enige manier om ervan te genieten is veel rond te lopen en hopelijk verrast te worden door konijntjes die wegspringen, bloemen die met de wind wegblazen, veranderingen in het weer, etc. Het zijn leuke verassingen. Helaas zijn die lang niet zo mooi als wat je in andere spellen kan vinden. Erger nog: uit mijn raam kijken naar mijn achtertuin biedt meer plezier voor het oog. Proteus probeert de schoonheid van buiten zijn in abstracte vorm te concentreren. Je bent binnen no time aan het wandelen omdat geen irritante computerspelconventies in je weg staan. Jammer dat je geen mooie conventies tegenkomt.

6 reacties

  1. Gillian de Nooijer · 25-4-2012 · 15.24 uur

    Morrowind een kutspel? Robert, kap eens met mijn favoriete spellen te beledigen ^_^

  2. Robert August de Meijer · 25-4-2012 · 22.30 uur

    Je moet toegeven dat het als spel bijna onspeelbaar is. Oblivion is het tegenovergestelde: Goed te spelen, matige fictie/wereld.

  3. Gillian de Nooijer · 26-4-2012 · 0.42 uur

    Het zijn bijna precies dezelfde spellen, alleen is aan Oblivion een gras&boom generator toegevoegd die de kale vlakten opvult. Het spel en de lore is op wat details na amper vernieuwd, net als Skyrim. Mensen ontdekken de lol van de wereld en de engine alleen telkens opnieuw. :-)

    Ik heb meer dan 300 uur in Morrowind zitten en 200 uur in Oblivion, ik ken ieder grassprietje. ‘t zijn mijn ultieme games. :-D

    (niet de beste games uiteraard, dat is Grim Fandango nog steeds)

  4. Robert August de Meijer · 26-4-2012 · 7.12 uur

    Ik ben ook dol op Elder Scrolls spellen. Alleen Morrowind is overdreven onduidelijk. Het duurt uren voordat ik kon genieten, en zelfs na tien uur of zo wist ik niet wat ik wilde doen. Misschien zou ik het weer oppakken als er een kompas in zat om je richting quests te sturen. Het helpt ook niet dat het xp systeem vermoeiend is, en dat je soms een half uur zoekt naar waar je heen moet, om vervolgens achter te komen dat vijanden daar voorlopig te sterk zijn.
    Proteus is daarentegen héél simpel. Dat bevalt mij, behalve dat je er zo weinig voor terug krijgt.

  5. Gillian de Nooijer · 26-4-2012 · 17.34 uur

    Als ik iets simpels wil, dan kijk ik wel tv. Morrowind is een game, een virtuele wereld waarin je je ei kwijt kunt en waarin dat ei ook blijft liggen zoals het hoort. Daar gaat maar weinig overheen wat mij betreft :-)

  6. Robert August de Meijer · 26-4-2012 · 23.27 uur

    Ik vind niet dat spellen beter worden door complexiteit of onduidelijkheid. De keuzes van een spel moeten betekenisvol zijn (met eieren die blijven liggen) wat vaak betekent dat zij in praktijk complex of onduidelijk zijn. Een goed spel weet simpel te zijn zonder ten koste te gaan van de inhoud. Ik ken weinig spellen die dit goed doen (Balance of Power het beste voorbeeld? Misschien Deus Ex 3? Skyrim doet het in ieder geval beter dan Morrowind, al vind ik persoonlijk de inhoud van Skyrim niet voldoende om zoveel tijd in te steken).

Volg de reacties op deze post via RSS

Plaats een reactie

Registreer je als vaste gebruiker. Heb je dit al eens gedaan, log dan in.

Hou de discussie menselijk en inhoudelijk. Reageer bij voorkeur onder je echte naam, met je foto als avatar (via Gravatar).

Toegestane HTML: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>