Elke woensdag post Joost Rietveld over actuele businessberichtgeving uit de gameindustrie.

Afbeelding: M. Schilling, 2003
Het lijkt er op dat we de komende tijd geen nieuwe consoles hoeven te verwachten. Zowel hardwareproducenten (Nintendo, Microsoft en Sony) als developers lijken content met de huidige generatie hardware. EA verwacht niet dat de eerstgenoemde partijen snel een nieuwe generatie consoles op de markt zullen brengen, waarvan directe aanleiding het huidige prijsbeleid is. Alan Wake-ontwikkelaar Remedy stelt dat de huidige consoles de gemiddelde developer nog genoeg ruimte bieden voor nieuwe ontwikkelingen. Een opmerkelijke consensus.
De gebruikelijke hardwarelevenscyclus
Bovengenoemde is opmerkelijk omdat het afwijkt van de gebruikelijke hardwarelevenscyclus. Doorgaans wordt er elke 5-6 jaar een nieuwe generatie consoles geïntroduceerd. Ter illustratie: de Playstation werd in 1994 gelanceerd, de PS2 in 2000 en de PS3 in 2006. Dit patroon is geen toeval, een aantal factoren zijn van belang om een nieuwe console te laten slagen; waarvan er één tijd kost, tot op heden 5-6 jaar.
Uit onderzoek is gebleken dat succesvolle consoles, zoals de Playstation en de Playstation 2, uiteindelijk in drie factoren uitblonken ten opzichte van hun voorgangers en hun directe concurrenten. Deze factoren zijn: de beschikbaarheid van aanvullende goederen, ook wel peripherals genoemd, de waargenomen installed base (het aantal consolebezitters) en tenslotte: de technologische functionaliteit van de console. Het is te danken aan de technologische functionaliteit dat de huidige generatie spelcomputers een langer leven beschoren zal zijn dan haar voorgangers.
Technologische functionaliteit
Tot op heden zijn grafische verbeteringen altijd een pijler geweest van technologische functionaliteit voor de consument, deze zijn immers het meest zichtbaar. Twee van de drie consoles kunnen momenteel het hoogst haalbare op grafisch gebied. Er zijn echter veel games die nog op 720p spelen en dus niet de volledige capaciteit van 1080p benutten. Ook in het onlinesegment valt er binnen de huidige generatie consoles nog progressie te boeken. Binnen de belangrijkste pijler van ‘consolesucces’, technologische functionaliteit, valt momenteel niet een dusdanige sprong te maken die een geheel nieuwe generatie rechtvaardigt. Een dergelijke sprong wordt overigens Technological Leapfrogging genoemd.
Waargenomen installed base
De hardwareproducenten richten zich nu op die andere pijlers binnen de huidige generatie consoles: de waargenomen installed base en de beschikbaarheid van aanvullende goederen. Dit alles om uiteindelijk zo succesvol mogelijk uit de consolestrijd te komen. Succes in deze betekent doorgaans de grootste installed base, het aantal mensen dat de console koopt. De potentiële consument laat zich echter leiden door de grootte van de installed base zoals hij/zij deze waarneemt. Hoe groter de waargenomen groep gebruikers, des te groter de netwerkeffecten. Het is dan ook niet voor niets dat we met enige regelmaat persberichten voorbij zien komen over het aantal geregistreerden op PSN of het aantal verkochte Xbox 360’s.
Aanvullende goederen
Het devies voor de producenten van de huidige generatie consoles is voortdurende innovatie: voornamelijk in de vorm van aanvullende goederen ,oftewel peripherals. Door continue innovatie neemt de waarde van een console toe, daarnaast maakt dit het moeilijk voor concurrenten (of mogelijk nieuwe toetreders, zoals Sony in 1994) de markt technologisch te leapfroggen. Het meest voor de hand liggende voorbeeld van aanvullende goederen zijn de bewegingscontrollers van Sony en Microsoft, gepland voor een release later dit jaar. Deze controllers, respectievelijk Arc en Natal moeten ervoor zorgen dat een deel van de Wii-markt overstapt naar de Playstation 3, dan wel de Xbox 360. Nintendo zelf is echter ook een ster in het bedenken van aanvullende goederen, zie het Balance Board, het Wii-wheel, de Zapper en de Motion Plus. Een bijkomend voordeel van aanvullende goederen is dat het voor consumenten minder aantrekkelijk wordt om over te stappen naar een andere console, ze hebben immers geïnvesteerd. Niet alleen in de console maar ook in de peripherals.
Tenslotte zijn er nog drie andere strategieën om consumenten over de streep te trekken en ter vergroting van de installed base. De eerste hiervan is het toeleggen op toekomstige ontwikkelingen, dit doet Sony momenteel actief met 3D-gaming. De tweede is ‘backward compatibility’ met voorgaande generaties consoles. Wat dit betreft hebben Microsoft en Nintendo reeds actief gehandeld, zou Sony haar console ‘backward compatible’ maken, dan kan ze hiermee nog een goede slag slaan. Tenslotte is er het prijsbeleid, waarbij met een steeds lagere prijs (doorgaans onder kostprijs) een steeds grotere groep van mogelijke adopters wordt aangesproken. $149 geldt hierbij als de magische prijs voor de late majority en de laggards.
De consoletoekomst van Nintendo
Het is interessant om te zien hoe Nintendo zich in deze fase van de levenscyclus handhaaft. Waar Sony en Microsoft beide aan hun grafische max zitten en motioncontrolling gebruiken om de levensduur (en daarmee de installed base van hun consoles) te vergroten, heeft Nintendo met de Wii-mote en Motion Plus haar kruit wat dit betreft reeds verschoten. Weet Nintendo de levensduur en installed base van haar console nog twee jaar te vergroten met het uitbrengen van aanvullende goederen en bijbehorende software als Wii Fit en het balance board? Of zal het bedrijf toch op de proppen moeten komen met een HD-console die backward compatible is? Het succes van Natal en Arc zal mijns inziens meespelen bij het beantwoorden van deze vraag.
