Harry Hol speelt al MMO’s sinds de dagen van de tekst-MUDs. In de rubriek Ding! bericht hij wekelijks uit de wondere wereld van ‘s werelds massaalste gamegenre.

“Ben je nou alweer aan het rennen door de regen?”, vraagt mijn vriendin. Ik zit op de bank met mijn laptop op schoot. Zij zit naast me, en kijkt tijdens de reclame van GTST even op mijn scherm. Ik knik en probeer buiten ‘agro’-afstand van een ‘Warg’ te blijven.
“Moet dat mannetje dan niet iets warmers aan?”
Ik schud mijn hoofd en grom iets waarvan ik hoop dat het vriendelijk klinkt, want ondertussen heeft de ene Warg zijn makkers geroepen en dreigt mijn Minstreel het onderspit te delven.
“Of een paraplu? Kun je hem geen paraplu open laten doen?”
“Nee!”, roep ik. Ik heb twee van de drie Wargs inmiddels uitgeschakeld, de derde met ‘fear’ weggejaagd en probeer mijn Morale bij te vullen met een potion, als ik opeens door een pijl getroffen wordt. Een ‘orc skirmisher’. Kennelijk is die net vlak naast me gerespawned.
“Nou, ik vraag het toch alleen maar?”
“Nee, jij niet. Sorry schat. Ik ben even…”, en net voor ik ‘bezig’ kan zeggen komt de Warg, blijkbaar bekomen van de schrik, terugrennen. Ik probeer te vluchten maar sterf (pardon, ‘word verslagen’, er is geen ‘dood’ in LOTRO) ter plekke.
Ik zucht en leg mijn vriendin uit dat mijn personage geen last heeft van regen of wind of kou.
“Wat stom,” zegt ze, “waarom regent het dan?”
Weerloos
Dat is eigenlijk best een hele goede vraag. Het weer in MMO’s heeft zelden invloed op de gameplay. Bij de lancering van World of Warcraft was er zelfs helemaal geen ‘weer’. Het was altijd plezierig buiten. Geen donderwolkje aan de immer blauwe lucht. Ik weet het niet zeker, maar ik meen dat Everquest ook ‘weerloos’ begon. Lord of the Rings Online had vanaf het begin regelmatig regenbuien in Breeland, en flinke sneeuwval in de Misty Mountains. Maar in eerste instantie zonder enige gameplay-invloed.
LOTRO is overigens een game waar het weer later wél een beetje invloed heeft gekregen. In het gebied Forochel, dat na de launch in een contentpatch werd toegevoegd, kan langdurig door de kou lopen je Morale (hitpoints) een beetje doen afnemen. Met sommige kleding is dit effect te weerstaan. Het effect is echter zo miniem dat ik me nooit zorgen hoefde maken over korte mouwen of de afwezigheid van bontvoeringen.
Echt
Dus waarom hebben we eigenlijk weer in MMO’s? Het voor de hand liggende antwoord is: ‘realisme’. Spelers beginnen zich blijkbaar ongemakkelijk te voelen als de zon dag in dag uit blijft schijnen. In een ‘echte’ virtuele wereld hoort. volgens hen, zo nu en dan een bui te vallen. Maar aangezien het weer in WoW niet meer is dan een visuele filter, is er niets reëel aan. En waarom klagen die ‘realisten’ niet over het feit dat een Warrior in een volledig harnas gewoon kan zwemmen? Ik denk dus niet dat dit de echte reden is.
Mij schoot namelijk een citaat te binnen van de Amerikaanse cartoonist Kin Hubbard: “Kraak het weer niet af! Negentig procent van de bevolking zou geen gesprek kunnen beginnen als het niet af en toe zou veranderen!” Aangezien ik inderdaad regelmatig in de openbare chatkanalen mensen opmerkingen zie maken over mistbanken in Forochel en sneeuwstormen in de Misties, is er blijkbaar een diepe honger naar juist dit gespreksonderwerp.
Hoe meer ik er op ging letten, hoe vaker ik weergerelateerde opmerkingen voorbij zag komen. Het weer is dus zelfs in virtuele werelden een soort sociale smeerolie. Een ultieme ijsbreker om een gesprekje te durven beginnen met die Elf naast je in het Auction House, of die Trol daar op de steiger van de zeppelin. Dat is toch een opmerkelijk verschijnsel. Ik kan me in de echte wereld namelijk veel situaties voorstellen waarbij er zo weinig gebeurt, dat mensen zich vastklampen aan sneeuw en regen in hun zoektocht naar menselijk contact. Blijkbaar dus zelfs in een virtuele wereld, waarin aanvallen van Orcs, vechtpartijen met ondode draken en uitbarstingen van magie aan de orde van de dag zijn. Je zou toch denken dat we het weer niet meer nodig hebben? “Flink wat ‘Wights’ in de North Downs vandaag!”, zou iemand kunnen zeggen. Of: “Ik heb een hele dag door de Reuzen moeten ploeteren. Blij dat ik er heelhuids door ben gekomen!”
Blijkbaar vinden we dat toch allemaal te vreemd. Gekunsteld. Onrealistisch. En dus praten we liever over nepweer…
