
Onbewust kennen we allemaal meer klassieke nummers dan we denken (of willen toegeven). Tot dat inzicht kwam ik na het spelen van de eerste uurtjes Little King’s Story. Wie had gedacht aangepaste versies van Ravels Boléro of Griegs Morning Mood in een game terug te vinden? Ik niet in ieder geval. Het was de eerste van vele leuke ervaringen waar ik tegenaan liep met deze Wii-game.
Al direct in de opening word je getrakteerd op Boléro. Daar blijkt ook voor welke visuele stijl de makers zijn gegaan. Producer Yasuhiro Wada, bekend van de Harvest Moon-reeks, heeft duidelijk zijn stempel op deze game gedrukt. Het vergt voor een dertiger als ik even wat doorzettingsvermogen, zoals ik ook in een forumtopic stelde. Maar Little King’s Story heeft me toch ingepakt. Mede dus vanwege die aparte muziekkeuze.
Vier andere puntjes die me opvielen na een eerste speeltest:
- De game is een heerlijke mix tussen verschillende genres. Maar het valt nog niet mee om de gameplay te omschrijven. Zie het als een geslaagd mengsel van Harvest Moon, Animal Crossing, The Settlers en Pikmin. Jij bestuurt een klein mannetje dat een kroon vindt en door onnozele ‘ministers’ tot koning van Alpolko wordt gekroond. Vanaf dat moment kun je door de spelwereld bewegen met een almaar groeiend legertje van boeren, soldaten en timmerlieden. Zij graven naar verborgen schatten, vallen vijanden aan of bouwen een brug over een riviertje, waardoor nieuwe gebieden ontgrendeld worden. Je koninkrijk breidt zich geleidelijk uit, waarna naburige monarchen je op (vaak) komische wijze uitdagen. Tijdens al deze expansieoorlogen moet je ook het welzijn van je onderdanen in de gaten blijven houden. Morrend rapaille kun je missen als kiespijn. Wat is Little King’s Story nu precies? Een simulatiegame met RTS- en RPG-invloeden?
- De pointer van de Wii-afstandsbediening wordt niet gebruikt. En ik ben er nog niet over uit of dit nu een goede of een slechte zet is. Je gaat er met een Wii-game haast vanzelf vanuit dat je minilegertjes formeert en aanstuurt door de afstandsbediening op het scherm te richten. Niets is minder waar. Het selecteren van een doel gaat via de analoge stick op de Nunchuk. Dat werkt op zich ook wel prima. Dat het een niet voor de hand liggende manier van spelen is, doet daar weinig aan af.
- Je hebt altijd het gevoel zelf te bepalen welk lot er voor jouw koning in het verschiet ligt. Dit is des te opmerkelijker, omdat Little King’s Story in essentie een lineaire game is, waarin je slechts hier en daar van het geijkte pad af mag. Ook is zomaar wat aanlummelen, zoals in Animal Crossing, een stuk minder interessant. Daarvoor is het sociale systeem onderontwikkeld. Na een paar onderdanen te hebben aangeklikt om te zien hoe ze over je beleid denken, heb je het wel gehad. Boeiende dialogen hoef je niet te verwachten. Eerder spottende opmerkingen. Dat de game ondanks deze ogenschijnlijke minpunten toch boeiend blijft, is daarom des te knapper.
- Het savesysteem is niet helemaal je van het. Gelukkig heb ik er nog niet al te veel last van, want mijn koninkrijk bestaat vooralsnog uit een schuur en anderhalve koe. Maar toch is het opvallend: je kunt enkel opslaan in het paleis. Als mijn sprookjesmetropool over een poosje dat van Disney World in grootte evenaart, betekent dat heel wat (onnodig) op en neer lopen. Laten we het maar op een schoonheidsfoutje houden.
Don’t judge a book by its cover gaat zeker op met Little King’s Story, ook al is het een game en geen boek. Wie voorbij de suikerzoete stijl kan kijken, gaat een frisse ervaring tegemoet. Of de game een persoonlijk blijvertje is, weet ik nog niet. Maar ik wil voorlopig nog wel even blijven spelen. En dat is voor een Wii-titel al een overwinning op zich.
